Soudal-Quick Step was jarenlang dé referentie in de voorjaarsklassiekers, maar die status is de voorbije seizoenen stilaan verdwenen. Yves Lampaert maakte de hoogdagen van de Wolfpack van dichtbij mee, maar zag ook hoe de ploeg terrein verloor tegenover de concurrentie. In de podcast Live Slow Ride Fast spreekt de West-Vlaming opvallend open over die moeilijke periode.
LEES OOK: Wellens kiest opvallende naam als outsider voor BK veldrijden
Achter de feiten aanVolgens Lampaert kwam de terugval niet uit het niets. “We zijn achter de feiten aan gaan lopen”, klinkt het. Andere ploegen maakten volgens hem een forse sprong vooruit, met name Team Jumbo-Visma in die periode.
“Zij hebben ons echt overruled. En dan had je ook nog een supertalent als Mathieu van der Poel die overal domineerde. Wij misten zo iemand op dat moment in de ploeg.”

“Dat was vroeger ondenkbaar”
De sportieve malaise liet ook intern sporen na. Lampaert schetst een sfeer die hij eerder nooit had meegemaakt. “We zaten met de handen in het haar, een beetje begrafenisstilte. Hoe komt dit? Wat scheelt eraan?” De renner wijst daarbij op een concurrentie die sterker is dan ooit.
“Je bokst nu tegen fenomenale talenten. Tadej Pogacar die Vlaanderen domineert, Van der Poel, Wout van Aert… en dan heb je ook nog Mads Pedersen die ons pijn doet.” Als voorbeeld haalt Lampaert Gent-Wevelgem van vorig jaar aan. “Als je ziet hoe hard Pedersen daar reed, dat was fenomenaal. Dat niveau lag gewoon extreem hoog.”
Toch kijkt Lampaert ook kritisch naar de eigen ploeg. Niet alles kan volgens hem op het conto van de concurrentie worden geschreven. “Collectief misten we de sterkte”, geeft hij toe. Waar het vroeger vechten was om überhaupt in de selectie te raken, ligt dat nu anders.
Stan Strubbe