Vorige week kwam er plots groots nieuws van Lotte Kopecky. Zo heeft de renster immers opnieuw een relatie, en niet met de eerste de beste. Zo vormt ze immers een koppel met niemand minder dan Axel Merckx, uiteraard zoon van de legendarische Eddy Merckx.
Een nieuwe liefde
Kopecky gaf wel aan niet te veel over haar privéleven te willen spreken, maar na de ploegvoorstelling van SD Worx-Protime was het donderdag toch onmogelijk om het thema uit de weg te gaan. “Gelukkig zijn is voor elke mens een fijn gevoel. Ik weet eigenlijk niet goed wat ik erover moet zeggen. We zijn heel gelukkig samen”, lachte ze voorzichtig bij Sporza.
Ook tegenover HLN deed Kopecky de eerste ontboezemingen over haar relatie met Merckx: “Op sportief gebied was 2025 niet mijn beste jaar. Maar op privévlak was het een heel goed jaar. Daardoor kan ik niet zeggen dat 2025 géén geslaagd jaar was. Ik ben iemand die op zich wel alleen kan zijn, maar het is toch wel een stuk fijner met twee.”
Het helpt volgens Kopecky ook dat Merckx het wereldje kent: “Op zich wel. Het lijkt me heel moeilijk om, met het leven dat we leiden, een relatie te hebben met iemand die de wielerwereld niet snapt. In dat opzicht denk ik dat we aan elkaar de juiste partner hebben gevonden.”

Maar zover als dat ze er een nieuwe coach bij heeft wil Kopecky niet gaan “Nee, daar gaat onze relatie helemaal niet om. We praten erover, maar ik heb geen zin om thuis te komen en altijd over hetzelfde te praten. Het is soms leuker om over iets anders te praten dan over de koers.”
Koningin van Vlaanderen
Op privévlak werd 2025 dus een topjaar, op sportief vlak iets minder. Kopecky wil ook op dat vlak in 2026 opnieuw de hoogste toppen scheren, op haar manier. "Ik weet dat ik nu niet aan de Tour moet denken, zolang het parcours mij niet ligt”, is ze stellig.
“Ik ben blij dat ik weer kan focussen op waar ik goed in ben. Mijn hart ligt bij het voorjaar, de klassiekers zoals de Ronde van Vlaanderen. Die koers zou ik het liefste winnen dit seizoen, ook al staat hij al drie keer op mijn palmares."
Kevin De Jonghe