Richard Plugge is diep teleurgesteld in de manier waarop de wielerwereld omgaat met de dood van Finlay Tarling. De 19-jarige Brit kwam anderhalve week geleden om het leven tijdens de Ronde van Portugal, nadat hij tijdens een afdaling frontaal in botsing kwam met een auto die vanuit de tegenovergestelde richting op het parcours reed. Volgens de teammanager van Visma | Lease a Bike kan de wielersport niet simpelweg doorgaan alsof er niets is gebeurd. “Dit mag gewoon niet gebeuren! Daar moet de hele wielerwereld zich bewust van zijn.”
Plugge begrijpt dat wedstrijden doorgaan en dat de wielerkalender niet zomaar stilgelegd kan worden, maar vindt dat de discussie over veiligheid veel nadrukkelijker gevoerd moet worden. Volgens hem wordt na ernstige incidenten te snel gezocht naar verklaringen en verzachtende omstandigheden. “We gaan gewoon door. Wat mij enorm tegenvalt, is dat iedereen zegt dat het heel erg is, maar dat er vervolgens direct een ‘maar-verhaal’ komt. Ik zou zeggen: alles achter de ‘maar’ moeten we skippen. Dit mág niet gebeuren. Die houding moeten we als wielersport aannemen.”
Voor Plugge is het overlijden van Tarling opnieuw een pijnlijke bevestiging dat er fundamenteel iets moet veranderen aan de veiligheid van wielerwedstrijden. Hij wijst daarbij naar SafeR, het initiatief dat drie jaar geleden werd opgericht om parcoursen veiliger te maken. Volgens Plugge heeft die organisatie al laten zien wat er mogelijk is, maar ontbreekt het momenteel aan daadkracht om de veiligheid structureel naar een hoger niveau te tillen.

LEES OOK: Visma de hemel ingeprezen: "Altijd gevoeld"
Plugge wil wielerwedstrijden anders organiserenPlugge pleit daarom voor een fundamentele herziening van de manier waarop wielerwedstrijden worden georganiseerd. Als het volgens hem niet meer mogelijk is om een koers over tweehonderd kilometer volledig veilig over openbare wegen te laten rijden, moet de sport bereid zijn om het concept aan te passen.
“Wij hebben bij de instanties, organisatoren en teams al aangegeven: als wielrennen over de openbare weg van A naar B over 200 kilometer niet meer gaat, dan moeten we rondjes rijden van 15, 20 of 25 kilometer. Als je die trajecten wél honderd procent kunt beveiligen. Uiteindelijk gaat het gewoon om onze renners. Die moeten er zeker van zijn dat ze over een veilig parcours kunnen koersen.”
Het incident met Tarling maakt volgens Plugge duidelijk hoe groot het risico kan zijn wanneer een parcours niet volledig afgesloten is. De jonge Brit werd tijdens een afdaling geconfronteerd met een auto die de verkeerde kant op reed. Een situatie die volgens Plugge in andere sporten ondenkbaar zou zijn.
“Deze jongen komt in een afdaling een auto tegen. Kun je je voorstellen dat dit gebeurt tijdens de Formule 1 in Zandvoort? Dat er ineens een auto op het circuit rijdt in tegenovergestelde richting? Natuurlijk zegt iedereen dat dit op Zandvoort niet gebeurt. Maar dit gebeurt dus wel in een wielerwedstrijd.”
Ook het feit dat er vanuit de internationale wielerorganisaties volgens Plugge geen duidelijke reactie is gekomen, stelt hem teleur. Hij had verwacht dat het overlijden van Tarling aanleiding zou zijn voor een brede discussie over de veiligheid van wielerwedstrijden.
“Het is óf veilig, óf het is niet veilig”
“Dat noch UCI-voorzitter David Lappartient, noch iemand anders van de overkoepelende organisaties opstaat en zegt: ‘Ja, maar wacht eens, we moeten nu echt bij elkaar komen en nadenken over hoe we dit voortaan gaan voorkomen?’”, vraagt Plugge zich af. “We hebben een fantastisch initiatief met SafeR gehad, maar daar hoor ik nu ook weinig meer van. Misschien moeten wij als teams de veiligheid in de koersen weer zelf oppakken. Ik weet het niet, maar het ontbreken van woede over wat er nu weer is gebeurd, valt me heel erg tegen.”
Volgens Plugge is SafeR bovendien te veel een politieke constructie geworden. “Ik heb al vaker gezegd: SafeR is een politieke constructie geworden waar alleen maar compromissen worden gesloten, om er maar voor te zorgen dat de kerk in het midden blijft.” Voor hem is veiligheid echter geen onderwerp waarover eindeloos onderhandeld kan worden.
“Maar het gaat erom dat de renners veilig hun werk kunnen doen. Het gaat om veiligheid. Het gaat erom dat jij veilig jouw werk kunt doen. En dat is compromisloos! Het is óf veilig, óf het is niet veilig.” Plugge vindt dat SafeR bij de oprichting een belangrijke aanzet heeft gegeven, maar dat er inmiddels onvoldoende wordt gehandeld naar die oorspronkelijke gedachte. “Het is inmiddels een heel ander construct geworden.”

Een veelgehoord argument is dat wielrennen nu eenmaal op de openbare weg plaatsvindt en dat daar in het dagelijkse verkeer ook ongelukken gebeuren. Plugge vindt dat geen reden om de huidige situatie als vanzelfsprekend te accepteren. Volgens hem moet de sport juist vooruitkijken naar de manier waarop wielerwedstrijden over enkele jaren nog veilig georganiseerd kunnen worden.
“We staan hier bij de start van de Vuelta a España in Monaco. De omgeving van Nice en Monaco zit vol met verkeer. We moeten nu nadenken over hoe we hier over vijf jaar nog steeds een wielerwedstrijd kunnen organiseren. Hoe ziet onze sport er over vijf jaar uit? Kunnen we dan nog 200 kilometer van A naar B rijden? Waarschijnlijk niet, want dan moet je duizend verkeersregelaars hebben.”
Daarom ziet Plugge meer toekomst in wedstrijden die grotendeels op afgesloten circuits worden verreden. “Terwijl, als je rondjes van 20 kilometer rijdt… Iedereen is super enthousiast over het WK wielrennen dat op een lokaal rondje wordt verreden. En terecht! Want dat is tenminste te beveiligen.” Voor de teammanager is de boodschap na de dood van Tarling dan ook duidelijk: de wielersport moet niet alleen stilstaan bij het zoveelste tragische ongeval, maar daadwerkelijk in actie komen om te voorkomen dat een dergelijk drama zich opnieuw voordoet.
WN Redactie