Ramses Debruyne heeft donderdag opnieuw zijn visitekaartje afgegeven in de Vuelta a España. De 23-jarige Belg van Alpecin-Premier Tech reed lange tijd mee in de vlucht van de dag en mocht zelfs even dromen van een stunt op de zware aankomst. Uiteindelijk moest hij alleen Tadej Pogacar voor zich dulden, maar met een derde plaats mag Debruyne meer dan tevreden zijn. Ook de strijd om de witte trui kleurde zijn sterke dag.
LEES OOK: Belgische Toursensatie heeft batterij opgeladen: "Mooie kans"
Ogen op klassement?Debruyne wilde na afloop nog niet spreken van een nieuwe stap richting het statuut van klassementsrenner. Daarvoor was de inspanning naar eigen zeggen simpelweg te zwaar. "Of ik nu een klassementsrenner ben? Neen, dat denk ik niet", glimlachte de Belg, terwijl hij nog zichtbaar aan het herstellen was van zijn inspanning.

De renner van Alpecin-Premier Tech had er nochtans alles aan gedaan om zichzelf in een ideale positie te manoeuvreren. Hij maakte vanaf het begin deel uit van de strijd om de vlucht van de dag en wist uiteindelijk mee te schuiven met een groep die voor de overwinning mocht strijden. "Ik heb gewoon geprobeerd om mee te zijn in de ontsnapping en een zo goed mogelijk resultaat te halen", legde Debruyne uit.
Debruyne houdt lang stand tegen Pogacar
Dat de vlucht op de zware slotklim niet zomaar stand zou houden, wist Debruyne vooraf. Zeker toen Pogacar zich vanuit het peloton naar voren begon te werken, besefte de Belg dat het tempo nog flink de hoogte in zou gaan. "Ik wist natuurlijk dat het heel moeilijk zou worden, met dat steile stuk en een Pogacar die altijd nog die versnelling heeft."
Toch wist Debruyne de schade opvallend lang te beperken. De Belg bleef strijden voor de dagzege en kwam uiteindelijk als derde over de finish. Daarmee bevestigde hij de goede indruk die hij eerder dit jaar al maakte in de Tour de France. Bovendien kwam hij dicht bij de witte trui van beste jongere, al moest hij die voorlopig nog aan zich voorbij laten gaan.
Vooral zijn ontmoeting met Pogacar op de slotklim zal Debruyne niet snel vergeten. Waar de Sloveense favoriet ogenschijnlijk moeiteloos voorbij kwam, moest de Belg diep in zijn reserves tasten. "Ik ben helemaal leeg nu. Ik was al vanaf het begin mee in de weer om mee te zijn in de ontsnapping. Toen Pogacar me te pakken had, had ik niet veel meer in de tank om nog terug te komen."

Vervolgens kwam Debruyne met een beeldende omschrijving van het verschil tussen hem en de Sloveense veelvraat. "Hij kwam voorbij en ademde door zijn neus, terwijl ik met mijn tong uit mijn mond reed." Een treffendere manier om het machtsverschil op de slotklim te beschrijven, had hij nauwelijks kunnen bedenken.
Toch blijft vooral de vraag hangen of Debruyne nog dichter bij de overwinning had kunnen komen als de vluchters eerder meer ruimte hadden gekregen. Mogelijk was zijn positie in het klassement daarbij een nadeel, waardoor de concurrentie hem niet zomaar liet wegrijden. Debruyne kon er achteraf vooral om lachen. "Ik had niet gedacht dat ze bang zouden zijn van Ramses Debruyne", besloot hij met een brede grijns.
WN Redactie