Soudal Quick-Step won dit voorjaar geen Monument. Toch vindt Jasper Stuyven dat de kritiek op zijn ploeg vaak veel te hard is. Volgens de Belg moet iedereen beseffen in welk tijdperk het wielrennen zich momenteel bevindt.
LEES OOK: Stuyven is messcherp voor Nederlanders: "Dat weten ze toch?"
“Hoe kun je concurreren met Van der Poel, Pogacar en Van Aert?”Jasper Stuyven begon afgelopen winter aan een nieuw hoofdstuk bij Soudal Quick-Step. De ervaren klassiekerspecialist maakte de overstap van Lidl-Trek om de Belgische formatie opnieuw een prominentere rol te laten spelen in de grote voorjaarsklassiekers.
Hoewel een Monument uitbleef, kijkt Stuyven niet ontevreden terug. In een interview met Het Laatste Nieuws benadrukt hij dat de ploeg volgens hem het maximaal haalbare heeft bereikt. “Als we weer wilden meedoen in de grote kasseiklassiekers, is ons voorjaar geslaagd”, klinkt het duidelijk.
De Belg wijst erop dat sommige concurrenten beschikken over absolute wereldtoppers die wedstrijden op eigen kracht kunnen domineren. “Wanneer je geen miljoenen spendeert om toppers zoals Mathieu van der Poel, Tadej Pogačar of Wout van Aert binnen te halen, dan hebben we er het maximale uitgehaald.”

Vergelijking met het oude Quick-Step
Volgens Stuyven wordt Soudal Quick-Step nog te vaak beoordeeld op basis van de successen uit het verleden. De ploeg domineerde jarenlang het klassieke voorjaar, maar opereerde toen ook met andere financiële mogelijkheden. “Die kritiek is gemakkelijk als je ons vergelijkt met het dominante Quick-Step van vroeger”, aldus Stuyven.
De Belg wijst erop dat de ploeg destijds tot de rijkste teams van het peloton behoorde. Inmiddels is de concurrentie financieel sterker geworden en beschikken meerdere ploegen over grotere budgetten. Dat maakt het volgens hem moeilijker om jaar na jaar de grootste koersen te winnen.
“We behoren nog altijd tot de top”
Toch ziet Stuyven zijn ploeg nog steeds als een van de sterkste formaties van het peloton. Op de vraag waar Soudal Quick-Step zich momenteel situeert, antwoordt hij zonder aarzelen. “Top tien zeker.”
Tegelijk benadrukt de Belg dat de rijkste ploegen vrijwel allemaal beschikken over uitgesproken kopmannen die op eigen kracht Monumenten kunnen winnen. Dat maakt het voor teams zonder dergelijke superster bijzonder lastig om structureel dezelfde resultaten te behalen.

Ook Alpecin-Premier Tech ontsnapt niet aan die logica
Om zijn punt kracht bij te zetten, verwijst Stuyven naar Alpecin-Premier Tech. Ondanks een sterk voorjaar wist ook die ploeg geen Monument te winnen. Mathieu van der Poel eindigde onder meer als tweede in de Ronde van Vlaanderen en vierde in Paris-Roubaix, maar greep telkens net naast de overwinning.
“Als je die redenering volgt, is ook Alpecin-Premier Tech gebuisd, want ze wonnen geen Monument”, aldus Stuyven. “Dat is toch veel te gemakkelijk.”
Met die woorden pleit de Belg voor meer nuance. In een peloton waarin enkele uitzonderlijke kampioenen het verschil maken, is succes volgens hem niet langer vanzelfsprekend. Zelfs niet voor een ploeg met de rijke geschiedenis van Soudal Quick-Step.
WN Redactie