De Giro d’Italia krijgt vandaag zijn eerste echte afspraak met de bergen. Meteen wacht een klim die tot de absolute legendes van het wielrennen behoort. De Blockhaus is niet zomaar een berg, maar een plek waar geschiedenis wordt geschreven.
LEES OOK: Giro: Favorieten etappe 7 - Heerst Vingegaard op Blockhaus?
Waarom de Blockhaus zo’n bijzondere klim isDe Blockhaus ligt in het hart van het Majella-massief in de Abruzzen en geldt al decennialang als een van de meest iconische beklimmingen van de Giro d’Italia. De klim heeft een bijna mythische status, vergelijkbaar met de Mont Ventoux in de Tour de France.
Dat is niet alleen te danken aan het indrukwekkende landschap, maar ook aan de rijke wielergeschiedenis. In 1967 boekte Eddy Merckx er zijn allereerste ritzege in een grote ronde. Later speelden ook legendes als Francesco Moser, Nairo Quintana en Jai Hindley er een sleutelrol in hun succesvolle Giro-campagnes.
Ook buiten het wielrennen is de berg van groot belang. Het gebied maakt deel uit van een nationaal park en staat bekend om zijn ruige natuur, wolven en indrukwekkende uitzichten. Dat geeft de klim een haast mystieke uitstraling.

Een klim die nooit ophoudt
De cijfers van de Blockhaus zijn ronduit intimiderend. De slotklim van de Giro-etappe is 13,8 kilometer lang en stijgt gemiddeld aan 8,4 procent. Die gemiddelde stijgingsgraad vertelt echter niet het hele verhaal. Het zwaarste deel van de klim is vooral de eindeloze regelmaat. Gedurende bijna tien kilometer blijft het stijgingspercentage vrijwel constant rond de negen à tien procent.
Halverwege krijgen de renners bovendien een strook van veertien procent voorgeschoteld. Vanaf Hotel Mamma Rosa verdwijnt het beschuttende bos en worden de renners volledig blootgesteld aan wind en weersomstandigheden. Juist dat maakt de Blockhaus zo genadeloos. Er is nauwelijks gelegenheid om te herstellen. Wie een mindere dag heeft, ziet de schade onvermijdelijk oplopen.

Waarom de Blockhaus dit jaar nog belangrijker is
De timing van deze etappe maakt de klim extra cruciaal. In tegenstelling tot eerdere Giro-edities is de Blockhaus in 2026 de eerste echte aankomst bergop. Na de openingsritten in Bulgarije en enkele overgangsetappes is dit het moment waarop de klassementsrenners voor het eerst voluit tegenover elkaar komen te staan. Bovendien is het met 246 kilometer de langste etappe van de hele Giro.
Die combinatie van afstand, slecht weer en een van de zwaarste beklimmingen van Italië maakt deze rit mogelijk tot een van de belangrijkste dagen van de volledige ronde. Wie hier overtuigt, kan meteen een mentale en sportieve tik uitdelen aan zijn concurrenten.

Ligt hier de Giro van Vingegaard in een beslissende plooi?
Voor Jonas Vingegaard lijkt de Blockhaus een ideale klim. De lange, constante stijgingspercentages passen perfect bij zijn vermogen om een strak en hoog tempo te rijden. De Deen houdt ervan om vroeg in een grote ronde duidelijkheid te scheppen. In de Vuelta a España van 2025 sloeg hij eveneens al vroeg een beslissende kloof.
Dat scenario zou zich op de Blockhaus zomaar kunnen herhalen. Hoewel later in de Giro nog zware bergritten volgen, kan deze mythische klim de koers al in een duidelijke richting duwen. De geschiedenis leert bovendien dat succes op de Blockhaus vaak een voorbode is van eindwinst. Wie vrijdag in het roze staat, heeft dus een uitstekende kans om ook in Rome nog altijd bij de besten te staan.
WN Redactie