Remco Evenepoel heeft na de eerste zware bergrit in de Tour de France niet alleen teruggeblikt op de indrukwekkende prestatie van Tadej Pogacar. De Belg was na de finish ook zichtbaar geïrriteerd over een voorval in de finale en richtte zijn pijlen opvallend genoeg op een ploeggenoot.
LEES OOK: Evenepoel onthult wat misging in de tijdrit van Red Bull-Bora-Hansgrohe
Evenepoel spreekt klare taalOp de Tourmalet moest Evenepoel uiteindelijk zijn meerdere erkennen in Pogacar, die iedereen uit het wiel reed. De kopman van Red Bull-BORA-hansgrohe finishte als vierde, maar na afloop bleef vooral één moment uit de finale hangen.
"Ik had om een lead-out gevraagd en ik kreeg die niet", vertelde Evenepoel na de aankomst bij Sporza over de samenwerking met Florian Lipowitz.
De Belg stak zijn teleurstelling niet onder stoelen of banken. "Ja, ik was boos en dat was terecht. In de Ronde van Catalonië heb ik dertig kilometer voor hem op kop gereden. Ik vroeg om één kilometer kopwerk te doen en dat ging niet. Dat maakte me boos en dat zal vanavond goed moeten worden besproken."

Tevreden over eigen koers
Ondanks de frustratie over de samenwerking keek Evenepoel met een nuchtere blik terug op zijn eigen prestatie. Volgens de Belg zat er simpelweg niet meer in tegen een ontketende UAE Team Emirates.
"Het was best oké. Ik heb gedaan wat ik kon doen. Sowieso was ik niet van plan om over mijn toeren te gaan op het einde van de Tourmalet, want er wachtte nog een lange afdaling."
In die afdaling wist Evenepoel nog knap terug te keren naar de groep met Isaac Del Toro, Florian Lipowitz en Paul Seixas. "Ik wist dat ik met mijn daalkunsten nog zou kunnen terugkeren. Ik had een achterstand van vijftien à twintig seconden. Het moest dus wel."
Zijn plan was vooraf al duidelijk. "Het was de bedoeling om er à bloc te gaan met berekende risico's. Maar mijn tactiek was uiteindelijk: niet volledig over de limiet gaan bergop en snel naar beneden gaan." Toch zal binnen Red Bull-BORA-hansgrohe vooral de interne discussie over de slotfase ongetwijfeld nog een stevig staartje krijgen.
Stan Strubbe