Het was een geweldige strijd, nu ongeveer zo’n twee maanden geleden. Tadej Pogacar en Wout van Aert die samen over de kasseien denderden in Parijs-Roubaix, waarna die laatste voor een collectieve extase wist te zorgen in België. Ook bij Pogacar bleek de gunfactor groot.
LEES OOK: Van Gils doet onwaarschijnlijk Pogacar-verhaal: "Dachten dat hij blufte..."
Blij voor WoutDat blijkt immers uit woorden van de wereldkampioen die te lezen vallen in de officiële Tour de France-gids van ProCycling. Hoewel Pogacar er vanzelfsprekend van baalde dat hij zijn collectie aan Monumenten (nog) niet wist te vervolledigen, klinkt er veel respect voor Van Aert.
“Ik ben blij voor Wout”, gaat Pogacar van start. “Hij verdient de overwinning. Zeker als je ziet hoe hij is teruggekomen van alle tegenslag die hij heeft gekend”, beseft ook de Sloveen dat het voor onze landgenoot de laatste jaren een bijzonder hobbelig parcours is geweest, om het met een understatement te zeggen.
“Wout geeft nooit op en met de manier waarop hij koerst is hij voor veel kinderen een held. Onderweg voelde ik hoe sterk hij was. Het was niet ‘meant to be’ om hem te lossen en in de sprint was hij echt heel snel”, besluit Pogacar zijn lofrede.

Heer en meester
Onderweg kende ook Pogacar de nodige pech, iets wat hem zeker krachten heeft gekost. Maar naar excuses zoekt hij niet: “Was dat niet gelukt, dan was het erg moeilijk geworden om weer vooraan te komen. Ik was op dat moment al een beetje ‘banana’. Elke keer als je pech hebt, kost dat wat energie. Maar dat hoort nu eenmaal bij deze koers en daar heeft iedereen mee te maken.”
In Roubaix mocht het dus nog niet zijn voor Pogacar, die het intussen amper nog gewend is om een wedstrijd niét te winnen. Zo mag ook dit seizoen weer blijken. Uit 11 koersdagen ging Pogacar maar liefst 8 (!) keer met de overwinning aan de haal.
Dat hij zo sterk is, heeft hij volgens zichzelf ook aan zijn concurrenten te danken. “Ik heb het geluk dat ik nog steeds kan verbeteren, maar de grootste hulp zijn mijn tegenstanders. We pushen elkaar naar een hoger niveau Ik houd ervan wanneer iedereen koerst met zijn hart”, besluit Pogacar.
Kevin De Jonghe