Tadej Pogacar heeft zijn concurrenten blijkbaar al stevig geïmponeerd nog voor de Tour de France goed en wel begonnen is. Tijdens een hoogtestage in Sierra Nevada zorgde de Sloveen voor een moment waar Maxim van Gils en Remco Evenepoel met verbazing op terugkijken.
LEES OOK: Ploegmaat is openhartig en doet boekje open over Remco Evenepoel
"Hij vloog ons gewoon voorbij"Onze landgenoot van Red Bull-BORA-hansgrohe werkte de voorbije weken aan zijn terugkeer na zijn zware val eerder dit seizoen. Samen met onder meer Evenepoel bereidde hij zich voor op de belangrijke zomermaanden, maar onderweg kregen ze een onverwachte demonstratie van de wereldkampioen voorgeschoteld.
Sierra Nevada is traditioneel één van de populairste locaties voor hoogtestages. Verschillende topploegen verblijven er tegelijkertijd in aanloop naar de Tour de France. Toch kruisen de renners elkaar volgens Van Gils zelden echt tijdens trainingen.
In gesprek met Het Laatste Nieuws vertelde hij dat er meestal weinig contact is tussen de verschillende teams. Tot Pogacar plots opdook. "Tadej Pogacar is ons een paar keer voorbijgestoken en die ging echt heel rap", vertelde Van Gils. "Wij reden echt niet traag, maar hij ging bergop nog een stuk harder."

"Dachten we dat hij wat aan het bluffen was"
De manier waarop Pogacar hen voorbij snelde, zorgde zelfs voor enige achterdocht binnen de groep. Van Gils en zijn ploeggenoten konden amper geloven dat iemand dat tempo zo lang kon volhouden. "Eerst dachten we dat hij wat aan het bluffen was", lachte de Belg. "Dat hij zich een paar bochten verder ergens in de bosjes zou verstoppen."
Maar dat bleek niet het geval. Toen de renners uiteindelijk boven kwamen, stond Pogacar daar gewoon opnieuw. "Op de top kwamen we hem weer tegen, dus het was wel degelijk een normale kliminspanning voor hem. Ik vond trouwens dat hij ook zeer mager oogde."
Met nog enkele weken te gaan tot de Tour lijkt Pogacar dus opnieuw uitstekende signalen uit te sturen. En als het verhaal van Van Gils een voorbode is, weten Evenepoel en co alvast wat hen mogelijk te wachten staat in de Franse bergen.
Stan Strubbe