De vraag blijft rondzingen in het veld: is het WK het laatste optreden van Mathieu van der Poel in het veldrijden? Zijn vader Adrie van der Poel heeft het debat opnieuw aangewakkerd met een opvallende en veelzeggende uitspraak. In een interview bij Het Nieuwsblad schetst hij niet zozeer een sportief probleem, maar wel de verborgen tol van het statuut dat zijn zoon al jaren met zich meedraagt.
LEES OOK: Vrees voor ziekte: vader Adrie houdt hart vast voor Van der Poel
De last van wereldkampioen zijnWie denkt dat Mathieu van der Poel het veldrijden beu is, zit volgens zijn vader fout. De liefde voor de cross is er nog altijd, benadrukt Adrie. Alleen gaat de belasting vandaag veel verder dan modder, hellingen en hartslag. Het is alles wat rond die wedstrijden hangt, dat steeds zwaarder begint door te wegen.
Adrie van der Poel maakt duidelijk hoe groot het verschil is tussen zijn zoon en de rest van het peloton. “Mathieu is na een cross twee uur later thuis dan de rest,” vertelt hij. Niet door herstel of extra training, maar door verplichtingen. Ceremonies, interviews, aandacht van fans: het houdt niet op.
Hij verwijst daarbij concreet naar Maasmechelen. “Hoe lang duurde de ceremonie daar niet? Niet normaal. En dan kom je bij de camper waar het vol met mensen staat.” Voor Van der Poel is een cross nooit gewoon ‘rijden en naar huis gaan’. Elke wedstrijd wordt een marathon naast de wedstrijd zelf.

Geen probleem met de sport, wel met alles errond
De boodschap van Adrie is helder: het is niet de cross die zijn zoon afstoot, maar de constante druk die erbij komt kijken. De verwachtingen, de aandacht, de rol die hij onvermijdelijk vervult als uithangbord van de sport. Dat maakt elke deelname zwaarder, zeker op lange termijn.
Adrie vat het dilemma uiteindelijk samen in één zin die hard binnenkomt. “Ik zeg vaak: neem de journalisten en het publiek weg en die mannen rijden tien crossen meer op een jaar.” Het is een uitspraak die veel zegt over de keerzijde van succes.
Stan Strubbe