Mathieu van der Poel heeft ook in de Wereldbeker van Koksijde laten zien waarom hij nog altijd de maatstaf is in het veldrijden. De wereldkampioen kwam niet met een allesverzengende aanval uit de startblokken, maar reed met zichtbaar overzicht en controle. Na iets meer dan 25 minuten koers legde hij de concurrentie zijn wil op en reed hij solo naar een nieuwe overwinning in het West-Vlaamse zand.
Koksijde is een omloop die Van der Poel al jaren nauw aan het hart ligt, en dat was ook deze keer voelbaar. “Ik heb er zeker van genoten. Het is een van mijn favoriete wedstrijden op de crosskalender en dat is het nu nog meer”, vertelde hij na afloop bij Sporza. “Dit zijn dagen om te koesteren.” De regenboogtrui oogde ontspannen, alsof hij precies wist wanneer het moment daar was om toe te slaan.
LEES OOK: "Was anders bij Mathieu": Visma-aanwinst onthult hét verschil met Van Aert
Beheersing boven spektakelIn tegenstelling tot Antwerpen, waar Van der Poel al in de openingsronde de koers openbrak, bleef hij in Koksijde langer in de luwte. Dat was een bewuste keuze. “Ik hoef ook niet elke cross van start tot finish volle bak te rijden”, legde hij uit. “Zeker met de opeenvolging van wedstrijden in het achterhoofd.” Het was geen teken van twijfel, maar juist van beheersing.

Van der Poel liet de koers even komen, las het zand en de bewegingen van zijn tegenstanders, en sloeg pas toe toen het voor hem het meest efficiënt was. Op een parcours als Koksijde, waar lange zandstroken het verschil kunnen maken, is dat een luxe die maar weinig renners zich kunnen veroorloven. “Op een omloop als vandaag is het ook iets makkelijker om het verschil te maken, zeker als je een paar goede zandpassages hebt”, klonk het nuchter.
Zand als bondgenoot
Opvallend was dat Van der Poel zelf ook nuance aanbracht in zijn prestatie. Waar hij in Antwerpen nog kritisch was over zijn zandtechniek, klonk hij nu tevredener. “Het waren vandaag andere zandpassages dan vorige week. Ik ben wel tevreden over mijn zandtechniek”, concludeerde hij. Zonder grote fouten, zonder paniek, maar met een constant hoog tempo reed hij de rest uit het wiel.
Dat Van der Poel niet telkens tot het uiterste hoeft te gaan om te winnen, zegt veel over zijn huidige niveau. Met Hofstade alweer op het programma wacht de volgende test. “Ik heb daar nog nooit gecrost, dus ik ben wel benieuwd”, besloot hij. De concurrentie weet intussen genoeg: zelfs met reserve is Van der Poel voorlopig nog altijd een klasse apart.
WN Redactie