Het seizoen van Thibau Nys verliep tot dusver allesbehalve zoals gehoopt. Blessureleed en ziekte hielden de Belg lange tijd uit competitie, maar vlak voor de Vuelta komt hij met een belangrijke update. En die gaat niet alleen over zijn fysieke paraatheid.
LEES OOK: Van bestelwagen tot hotel: Van Aert doet verhaal na bizarre Vuelta-chaos
Duidelijkheid na opvallende geruchtenAmper tien koersdagen staan er dit jaar achter de naam van Nys. Toch werd hij de voorbije periode plots onderwerp van transferspeculatie. Op verschillende datasites wordt zijn huidige verbintenis namelijk als aflopend weergegeven.
Dat zorgde ervoor dat zijn naam zelfs nadrukkelijk aan Visma | Lease a Bike werd gekoppeld. Wie hoopte op een nakende transfer, komt echter bedrogen uit. Tegenover WielerFlits maakt Nys zelf een einde aan alle onduidelijkheid. “Ah, oei! Maar nee, ik lig zeker nog tot eind 2028 vast”, lacht hij.
Een vertrek bij Lidl-Trek is dus helemaal niet aan de orde. Nys kan zich daardoor volledig concentreren op het sportieve gedeelte, en daar heeft hij na een bijzonder moeizaam jaar voldoende redenen toe.

Nieuwe tegenslag vlak voor Vuelta
Net toen Nys kon bouwen richting de Ronde van Spanje sloeg het noodlot toe. Na het eten van vervuilde steak tartare liep hij toxoplasmose op. Daardoor verdwenen onder meer de Clásica San Sebastián en de Vuelta a Burgos uit zijn programma.
Toch kwam zijn deelname aan de Vuelta uiteindelijk niet in gevaar. Ideaal was zijn voorbereiding allerminst. “Ik had gehoopt hier met iets meer zelfvertrouwen of trainingsritme en koersdagen aan de start te komen. Gezien de omstandigheden kan het voorlopig niet beter zijn.”
Nys beweert dan ook niet dat hij al op zijn absolute topniveau zit, maar zijn huidige toestand stemt hem wel positief. “Ik ben geen 105%, maar wel heel tevreden over mijn vorm.”
Wat dat straks oplevert, wil hij vooral in de wedstrijd ontdekken. Grote eisen stellen heeft volgens Nys weinig zin na alles wat er gebeurd is. “Ik denk dat de benen moeten spreken. Als ik goed genoeg ben, zal ik er zijn, en als dat niet het geval is, moet ik geen dingen opeisen die toch niet mogelijk zijn.”
Stan Strubbe