Bart Wellens en Sven Nys kleurden jarenlang het veldrijden met intense duels en een uitgesproken contrast in stijl. De ene werd gezien als de grappenmaker, de andere als het toonbeeld van discipline en sérieux. In een terugblik rekent Wellens nu af met dat beeld.
LEES OOK: Verstrynge dient Wellens van antwoord na afzegging voor het WK
Twee types, één tijdperkBart Wellens ontkent niet dat hij en Sven Nys elkaars tegenpolen waren. “Nys was een trainingsbeest”, klinkt het. Zeker na zijn carrière viel het Wellens op hoe sterk Nys zich profileerde als iemand die alles voor de sport deed. Dat beeld bleef hangen, soms ten koste van anderen.
Wellens voelde zich daardoor geregeld weggezet als de man van de kwinkslagen. Die humor had voor hem nochtans een functie. “Die grapjes in interviews hielpen mij om de stress wat kwijt te raken.” Volgens Wellens betekende dat niet dat hij minder met zijn sport bezig was, wel dat hij er anders mee omging.
Dat hij niet dezelfde reputatie kreeg als Nys, vindt Wellens achteraf niet altijd terecht. “Ja, ik at eens een zak chips”, geeft hij met een glimlach toe. “Maar als het over professionalisme ging, was ik wel de eerste crosser met een hoogtetent.”

Thibau is anders dan Sven
Het gesprek ging ook even over de volgende generatie, en meer bepaald over Thibau Nys. Wellens ziet duidelijke verschillen tussen vader en zoon. “Thibau is heel anders dan zijn papa. Hij is meer open, vriendelijker ook.” Dat betekent volgens hem niet dat Sven onvriendelijk is, maar de drempel ligt anders. “Bij Sven moet je meer moeite doen.”
Een klein voorbeeld typeert dat verschil. “Ik kom Thibau tegen in de Ronde van Romandië en hij zwaait al van ver.” Wellens benadrukt dat hij daar niets voor terugverwacht. “Dat hoeft niet van mij, maar het typeert hem wel.”
Stan Strubbe