De steen die Tadej Pogacar uit de Vuelta a España kegelde, was volgens Stef Clement misschien niet het volledige verhaal. De voormalige renner stelt een opvallende vraag: kan de enorme superioriteit van de Sloveen er onbewust voor hebben gezorgd dat zijn scherpte iets afnam?
LEES OOK: Wout van Aert baalt als een stekker: dit is waarom
Slachtoffer van eigen dominantiePogacar was tot zijn crash heer en meester in de Ronde van Spanje. Juist wanneer een renner nauwelijks nog door zijn concurrenten wordt bedreigd, kan volgens Clement een ander gevaar ontstaan.
“De dominantie waarmee hij rondreed, daar schuilt een gevaar in”, analyseert hij in de NOS Wielerpodcast. “Je zoekt de tegenstand dan alleen nog in jezelf. Pogacar kan alleen nog maar van zichzelf verliezen. Er zat een bepaalde overmoedigheid in.”
Clement koppelt die gedachte aan de manier waarop het ongeval ontstond. Uit vertraagde beelden bleek dat Pogacar met zijn voorwiel een steen raakte, terwijl verschillende renners rondom hem het obstakel wel wisten te ontwijken.
Daarom vraagt Clement zich af of maximale concentratie nog vanzelfsprekend is wanneer iemand zoveel sterker is dan zijn rivalen. “Als je zoveel beter bent dan de rest, ben je dan gefocust genoeg om al die gevaren die op de loer liggen de baas te kunnen? Of is hij toch net dat procentje minder gefocust, wat je dan op zo'n stom moment als vandaag kan opbreken?”

De crash zelf kwam volgens Clement in ieder geval zonder enige waarschuwing. “Sommige valpartijen zie je één of twee seconden van tevoren aankomen. Dit was echt boem, weggeslagen, op je gezicht.”
Pogacar probeerde na de harde klap aanvankelijk nog verder te gaan, maar dat bleek onmogelijk. “Alles wat je daarna doet is in een soort roes”, aldus Clement. Wat begon met één steen op het asfalt, betekende uiteindelijk het einde van de Vuelta voor de grote favoriet.
Stan Strubbe