De dominantie van Tadej Pogacar wordt doorgaans verklaard aan de hand van zijn uitzonderlijke fysieke kwaliteiten. Achter de schermen blijken echter ook veel kleinere details een rol te spelen. Eén cijfer uit de Vuelta a España deed Johan Bruyneel alvast behoorlijk opkijken.
LEES OOK: Bruyneel is helderziend en kent nu al het eindpodium van de Vuelta
Bijna tien uur lang in dromenlandTerwijl een grote ronde voor veel renners ook buiten de koers behoorlijk belastend is, lijkt Pogacar zijn herstel uitstekend voor elkaar te hebben. Uit een online gedeeld overzicht van Eight Sleep bleek dat de Sloveen tijdens een nacht maar liefst 9 uur en 34 minuten effectief sliep.
Daarmee stak de leider van UAE Emirates-XRG duidelijk boven zijn ploeggenoten uit. Ivo Oliveira kwam in hetzelfde overzicht bijvoorbeeld aan 7 uur en 21 minuten. Bruyneel kon bij The Move zijn verbazing over het verschil moeilijk verbergen. “Dat is gewoonweg indrukwekkend.”
Niet alleen de duur van Pogacars nachtrust springt eruit. Zijn matras stond ingesteld op 19,7 graden. UAE Emirates-XRG maakt tijdens de Vuelta gebruik van koelmatrassen van Eight Sleep, waardoor de renners ondanks warme omstandigheden hun slaaptemperatuur kunnen regelen.
Voor Bruyneel zit net daar een interessant voordeel. “Het is echt een hack als je in een huis of kamer bent met geen goede airconditioning.” Zeker tijdens een grote ronde, waarin herstel tussen twee etappes cruciaal is, probeert de ploeg op die manier ook 's nachts zoveel mogelijk omstandigheden te optimaliseren.

Geen eenmalig fenomeen
Dat Pogacar zoveel slaap verzamelt, lijkt bovendien niet uitsluitend in deze Vuelta te lukken. Ook tijdens de voorbije Tour de France hield Eight Sleep zijn nachtrust bij en kwamen vergelijkbare cijfers naar buiten.
Over de volledige Tour zou Pogacar gemiddeld 8 uur en 19 minuten per nacht hebben geslapen. Dat is opvallend gezien de verplichtingen die bij het dragen van de leiderstrui komen kijken, bovenop de dagelijkse fysieke en mentale belasting van de wedstrijd.
Juist dat vermogen om telkens opnieuw voldoende rust te pakken, valt bij Bruyneel op. Pogacar moet overdag afrekenen met zijn concurrenten, media-aandacht en alles wat bij zijn status hoort, maar lijkt zijn nachtrust daar nauwelijks voor op te offeren.
Stan Strubbe