Jasper Stuyven blijft in deze Giro d’Italia opvallend dicht bij een ritzege fietsen, maar ook vrijdag moest de Belg opnieuw vrede nemen met een ereplaats. De renner van Soudal Quick-Step sprintte in Verbania naar de derde plaats achter ritwinnaar Alberto Bettiol en Andreas Leknessund.
LEES OOK: Bettiol wint dertiende etappe Giro, Stuyven derde
Stuyven voelde al vroeg dat het een zware dag zou wordenOpvallend genoeg was het vooraf helemaal niet het plan van Stuyven om mee te springen in de vlucht van de dag. De Belg voelde bij het ontbijt al dat de opeenvolgende inspanningen van de voorbije dagen stevig begonnen door te wegen.
“Ik voelde me vrijdagmorgen eigenlijk redelijk moe”, gaf Jasper Stuyven toe bij Eurosport. “Maar uiteindelijk ben ik toch mee geraakt in die vroege vlucht. Alleen: de hitte maakte het echt superslopend.”
De sterke kopgroep moest in de openingsfase bijzonder hard werken om weg te raken van het peloton. Dat kostte volgens Stuyven veel energie nog voor de finale goed en wel begonnen was.
“Ik voelde ook dat ik de voorbije dagen al redelijk diep ben gegaan. En dan krijg je in de finale ook nog een klim die eigenlijk net iets te steil is voor mij.”

Bettiol maakte volgens Stuyven het verschil in afdaling
Op de slotklim naar Ungiasca moest Stuyven uiteindelijk passen toen Bettiol en Leknessund versnelden. Toch bleef de Belg geloven in een mogelijke terugkeer richting de afdaling.
“Ik had die afdaling echt goed gevisualiseerd”, vertelde hij. “Mijn ritme op de klim was eigenlijk best goed, maar Bettiol is natuurlijk ook een uitstekende daler. Hij had echt een topdag.”
Volgens Stuyven zat er achter Leknessund nog wel een kans op aansluiting in. “Van Andreas wist ik dat we hem eventueel nog konden terugpakken in de afdaling, want dat is niet zijn sterkste punt.”
Die terugkeer kwam er uiteindelijk niet meer, waardoor Stuyven opnieuw nét naast de ritzege greep.
Belg denkt al aan zware Alpenrit
Ondanks de teleurstelling probeerde Stuyven ook tevreden te zijn met zijn derde plaats. “Ik denk eerlijk gezegd dat dit vandaag het maximaal haalbare was”, klonk het nuchter.
De Belg maakte zich na afloop vooral zorgen over wat nog komen moet. Zaterdag wacht immers een loodzware Alpenrit, terwijl de vermoeidheid steeds meer begint op te stapelen.
“Tijdens de rit dacht ik daar eerlijk gezegd al een paar keer aan”, gaf hij toe. “Als je je vandaag al niet super voelt, kan zaterdag wel eens een heel pittige dag worden.”
Toch blijft hij optimistisch richting de rest van de Giro. “Ik hoop vooral dat ik mijn ritme kan vinden in de grupetto. Daarna begint het recupereren hopelijk weer een beetje. En dan kunnen we zondag misschien opnieuw alles op Paul Magnier zetten.”
WN Redactie