De cross draait op volle toeren, wat maakt dat er ook steeds meer gesproken wordt over de nakende intrede van Wout van Aert. Die zal evenwel nog enkele weken op zich laten wachten, alles moet natuurlijk in teken staan van het wegseizoen… en die ene overgebleven grote droom?
Vorig seizoen wist Van Aert met Parijs-Roubaix reeds een fel begeerde overwinning binnen te halen. De Kempenaar wordt er in het magazine van ProCycling nog eens mee geconfronteerd. Daar doet hij ook uit de doeken dat hij niet zozeer opluchting voelde.
LEES OOK: Thibau Nys licht tipje van de sluier over plannen voorjaar 2027
Rust in het hoofd“De vreugde overheerste wel. Als het één of twee jaar eerder was gebeurd, had de opluchting misschien meer overheerst. Toen had ik sterker het gevoel dat ik zo’n overwinning nodig had om mijn carrière te laten slagen”, bleek er nu dus meer sprake van rust in het hoofd bij Van Aert.
Zo komt hij vervolgens ook zelf te bevestigen. “Intussen ben ik daar realistischer in geworden”, spreekt de renner van Visma-Lease a Bike. “Ik besef dat ik al heel veel mooie dingen heb bereikt. Dat neemt niet weg dat Roubaix een enorme motivatie bleef.”
Maar zo zijn er uiteraard nog wel grote wedstrijden die hoog op het verlanglijstje staan. En dan met name de Ronde van Vlaanderen. Kan deze zege in Roubaix Van Aert helpen om ook daar straks te kunnen scoren? Daarover blijkt hij in dubio.

Niet onmogelijk
“Ja en nee”, stelt hij namelijk. “Ergens had ik ook dit jaar niet verwacht dat het zou lukken. Dat leert me dat ik het altijd moet blijven proberen. Er zijn renners die betere kaarten hebben, maar er zijn ook weinig renners die zulke kansen krijgen als ik.”
Van Aert beseft immers als geen ander dat het geloof alles is om het alsnog te kunnen doen slagen. “Die kans kan altijd komen en dan moet ik klaar zijn. Dat geldt ook voor de Ronde van Vlaanderen.”
Het geloof is dus zeker aanwezig, tegelijkertijd is er ook zijn typerende nuchterheid. “Het is geen toeval dat het in Roubaix gelukt is. In De Ronde wordt het steeds moeilijker, zeker met de aanwezigheid van Pogačar en Remco Evenepoel. Ik moet erin blijven geloven, maar ook realistisch zijn”, besluit Van Aert.
Kevin De Jonghe