Wout van Aert kan komende winter weleens een uitstekende kans krijgen om opnieuw wereldkampioen veldrijden te worden. Dat stelt Bobbie Traksel in de Eurosport-podcast Kop over Kop, waarin uitgebreid wordt vooruitgeblikt op de plannen van de Belg en Mathieu van der Poel. Vooral de onzekerheid rond de terugkeer van de achtvoudige wereldkampioen biedt perspectief voor Van Aert, al verwachten de analisten dat zijn Nederlandse rivaal uiteindelijk toch weer het veld in zal duiken.

Van der Poel liet onlangs weten nog niet zeker te zijn of hij komende winter opnieuw gaat veldrijden. De Nederlander wordt in januari voor het eerst vader en heeft met acht wereldtitels bovendien al een indrukwekkend palmares opgebouwd. Toch denkt Thijs van Amerongen dat de renner van Alpecin-Premier Tech de verleiding niet zal kunnen weerstaan. Volgens de voormalig veldrijder speelt de mogelijkheid om ooit tien wereldtitels te behalen daarbij een belangrijke rol.
"Die zal toch nog wel wat gaan crossen", vermoedt Van Amerongen, die denkt dat Van der Poel mogelijk aan slechts enkele wedstrijden genoeg heeft om zich op het wereldkampioenschap voor te bereiden.
LEES OOK: Iserbyt luidt noodklok: 'Schuld van Van Aert en Van der Poel?'
Traksel ziet nieuwe kans voor Van AertDe onzekerheid rond Van der Poel kan volgens Traksel bijzonder interessant worden voor Van Aert. De Belg veroverde in 2018 zijn derde en voorlopig laatste wereldtitel, maar zou komende winter opnieuw een serieuze gooi naar de regenboogtrui kunnen doen. "Misschien is er een kansje richting dit WK", stelt de analist, die benieuwd is of Van der Poel daadwerkelijk aan de start verschijnt.
Van Aert heeft zijn terugkeer in het veld in ieder geval al aangekondigd. Volgens Van Amerongen kan zijn succesvolle wegseizoen, met onder meer de overwinning in Parijs-Roubaix, hem bovendien het vertrouwen geven om opnieuw een behoorlijk aantal veldritten af te werken. Zijn vorige winter eindigde weliswaar voortijdig door een enkelbreuk na een valpartij in Mol, maar de analist ziet daarin geen reden om het veldrijden ditmaal grotendeels links te laten liggen.
Ook Jeroen Vanbelleghem verwacht dat Van Aert uitgebreider zal crossen dan Van der Poel. De Belgische commentator benadrukt dat de renner van Visma | Lease a Bike simpelweg bijzonder veel plezier beleeft aan de discipline en schat zijn programma op "tien of vijftien" wedstrijden.
Minder crossen hoeft niet beter te zijn
Een uitgebreider veldritprogramma brengt vanzelfsprekend risico's met zich mee, maar Traksel vindt dat ook de nadelen van een beperkt aantal wedstrijden niet mogen worden onderschat. Volgens hem zijn wedstrijdritme en technische vaardigheden essentieel om in het veldrijden op het hoogste niveau mee te kunnen. Vooral het gevoel voor bochten, bandendruk en verschillende ondergronden valt tijdens trainingen moeilijk volledig na te bootsen, waardoor een langere winter volgens de analist juist voordelen kan opleveren.

Vanbelleghem kijkt ondertussen vooral uit naar mogelijke confrontaties tussen Van Aert, Thibau Nys en Tibor Del Grosso. Hij verwacht dat de drie qua niveau dicht bij elkaar kunnen liggen en hoopt dat ze komende winter regelmatig tegenover elkaar staan. "Die drie tegen elkaar", droomt de commentator, die daarin een bijzonder aantrekkelijk scenario voor de veldritliefhebbers ziet.
Of Van der Poel zich uiteindelijk ook in die strijd mengt, blijft voorlopig de grote vraag. Voor Van Aert lijkt er in ieder geval voldoende perspectief om van de komende crosswinter meer te maken dan alleen een voorbereiding op het wegseizoen. Met het wereldkampioenschap in Oostende als mogelijk hoogtepunt kan de Belg voor het eerst sinds 2018 opnieuw nadrukkelijk dromen van de regenboogtrui.
WN Redactie