Egan Bernal blijft voorlopig gewoon profwielrenner. De voormalige Tourwinnaar werd de afgelopen weken gelinkt aan een mogelijk afscheid, maar bij Netcompany INEOS verwachten ze hem volgend seizoen opnieuw in het peloton. Ploegleider Dario Cioni legt uit waarom de Colombiaan dit jaar vroeger dan verwacht een punt achter zijn seizoen zette.
LEES OOK: Pogacar krijgt goed nieuws: belangrijke pion verlengt contract bij UAE
Bernal legt de lat bijzonder hoogVoor Egan Bernal telt deelnemen alleen niet. De Colombiaan won in het verleden zowel de Tour de France als de Giro d'Italia en blijft bijzonder ambitieus, ook al heeft hij de afgelopen jaren niet altijd zijn beste niveau gehaald.
Dat verklaart volgens ploegleider Dario Cioni ook waarom de 29-jarige renner na de Tour de France niet meer in actie kwam. In een gesprek met Bici.PRO gaat de Italiaan dieper in op de situatie.
"Het is duidelijk dat Egan een echte winnaar is. Hij neemt geen genoegen met een tiende plaats. Na de Tour voelde hij zich niet meer competitief en hij besloot dan ook - terecht - zijn seizoen vroegtijdig te beëindigen."
Bernal had er op dat moment al een bijzonder zwaar programma op zitten. "Egan nam aan het einde van het seizoen rust, maar hij had daarvoor al de Giro én Tour gereden. Dat is dus niet ongebruikelijk", verduidelijkt Cioni.

Geruchten over afscheid
De vroege seizoensafsluiting zorgde de afgelopen weken voor heel wat speculaties. Wielerjournalist Daniel Benson meldde eerder deze maand dat Bernal zou overwegen om zijn wielercarrière na 2026 te beëindigen.
Bernal reageerde zelf op de berichtgeving en maakte duidelijk dat er voorlopig geen sprake is van een definitief afscheid. Toch lijkt de Colombiaan wel na te denken over zijn verdere toekomst. Hoeveel seizoenen hij nog actief wil blijven, is momenteel niet duidelijk.
Binnen Netcompany INEOS heerst er alvast vertrouwen. Cioni verwacht dat Bernal na zijn rustperiode opnieuw de draad zal oppikken en in 2027 gewoon weer aan de start zal verschijnen. "In 2027 zal hij echter gewoon weer terugkeren", klinkt het stellig bij de ploegleider.
WN Redactie