De strijd om de groene trui tussen Jasper Philipsen en Mads Pedersen wordt met de dag spannender. In vrijwel iedere tussensprint zoeken de twee kemphanen de limiet op, maar opvallend genoeg volgt na afloop steevast een sportief gebaar. Ploegleider Christoph Roodhooft hoeft dat niet per se te zien.
Hoewel Philipsen en Pedersen elkaar tijdens de tussensprints geen centimeter cadeau geven, sluiten ze hun onderlinge duels vaak af met een handdruk of een vuistje. Volgens Roodhooft mag het er op sportief vlak best wat harder aan toegaan.

LEES OOK: De Cauwer ziet Pedersen het randje opzoeken: "Als Philipsen dat doet..."
“Het mag van mij wat meer gebeten zijn”De ploegleider van Alpecin-Premier Tech stak zijn mening niet onder stoelen of banken. Volgens hem hoeft er na een fel uitgevochten sprint niet direct vriendschap te worden uitgestraald.
“Voor mij hoeft dat eigenlijk niet altijd zo te zijn. Iedereen mag dat voor zichzelf uitmaken, maar die handjes na zo’n sprint? Dat hoeft voor mij niet.”
Roodhooft wees er bovendien op dat zijn ploeg volgens hem lang niet altijd dezelfde sportiviteit terugkrijgt van de concurrentie.
“Ik heb niet het gevoel dat ze met ons ooit zoveel compassie hebben. Het is niet mijn stijl. Als het over sportieve dingen gaat, mag het van mij best wat meer gebeten zijn.”
Groene trui blijft groot doel
De discussie ontstond nadat Philipsen enkele dagen geleden, ondanks een stevig duel met Pedersen tijdens een tussensprint, opnieuw sportief reageerde richting zijn Deense concurrent. Ook vrijdag volgde na afloop weer een vriendschappelijk gebaar.
Ondertussen blijft de strijd om het groen onverminderd spannend. Dankzij opnieuw een sterke tussensprint snoepte Philipsen vijf punten af van Pedersen, waardoor het verschil verder slonk tot 36 punten.
Bij Alpecin-Premier Tech blijft de groene trui dan ook een belangrijk doel voor de rest van de Tour. “Het is onze plicht om ervoor te blijven gaan. Het is een prachtig doel voor de ploeg en eigenlijk hebben we geen andere keuze.”
WN Redactie