Mathieu van der Poel is normaliter steevast de rust zelve, maar klaarblijkelijk durft ook hij de kalmte toch al eens te verliezen. Dat was immers het geval (tijdens en) na de rustdag van maandag in de Tour de France. De reden? Een abominabel slecht hotel.
LEES OOK: "Klinkt misschien arrogant": Roodhoofts verbazen na zege Van der Poel
Woedende Van der PoelEr doken op sociale media al beelden op van renners van Uno-X die door deze slechte omstandigheden zowaar op het balkon gingen slapen. "De Tour is een avontuur en dat hebben we er nog wat meer van gemaakt", zo getuigde Tobias Halland Johannessen tegenover Sporza.
"We hebben genoten van een nachtje onder de sterrenhemel”, klonk het met een groen lachje. “Het hotel was zeker niet luxueus, maar buiten slapen ging iets beter. Daar waren minder insecten en muggen dan op onze kamers."
Stig Kristiansen, ploegleider bij Uno-X, doet vervolgens het verhaal van een woedende Van der Poel. Ook Alpecin-Premier Tech werd immers hetzelfde hotel toegewezen. “Tot drie uur ’s nachts was het er feest. Met al dat lawaai was het onmogelijk om er te slapen”, aldus de Noor bij Het Nieuwsblad.
“Mathieu van der Poel was super boos toen hij te weten kwam dat de mensen van de organisatie in een mooi chateau sliepen”, onthulde Kristiansen. Twee jaar geleden sliepen we hier al, hopelijk wordt dit hotel van de lijst geschrapt voor de toekomst.”
Ook Roodhooft laat zich horen
Het hoeft geen betoog dat ook de ploegleiding van Alpecin-Premier Tech niet te spreken was over de omstandigheden. “Aangenaam was het niet, zoveel is zeker", reageerde ploegleider Christoph Roodhooft. “Er moet een soort van gezond minimum zijn voor kwaliteit, netheid en locatie."
Dat was dus niet het geval, maar klagen en zagen helpt alvast niet volgens Roodhooft, die zich dan ook wist neer te leggen bij de situatie. "Je komt dan toe bij zo'n hotel en het is wat het is. Je kan er niet weg. Het was beneden alle peil, maar klagen helpt dan niet."
Intussen beaamt parcoursbouwer Thierry Gouvenou dat er een probleem is met de hotels, mede door de stijging in aantal mensen bij de ploeg. “Vroegen bestonden ploegen uit 25 personen, ondertussen 50 personen”, aldus de Fransman. “Het wagenpark is enorm uitgebreid en hebben we hotels nodig met grote parkings.”
Die zijn op sommige plaatsen evenwel niet zo makkelijk te vinden, al zeker niet in de hoge categoriën. “Sommige van de betere hotels voldoen daar niet aan. In een goed hotel waar we vroeger drie ploegen konden steken, kunnen we nu maar één ploeg meer onderbrengen. Dus ja, in een regio met weinig capaciteit is er een probleem.”
Kevin De Jonghe