Het was deze Vuelta al een aangename kennismaking met Jarno Widar, het nieuwe Belgische toptalent. In de vierde rit werd hij al knap tweede, maar enkele dagen later ging het hem heel wat minder af.
LEES OOK: De Cauwer heeft nieuwe Belgische favoriet: "Niet veel die dat kunnen"
Last van de warmteZo zagen we de jonge Belg in rit zes al relatief vroeg lossen uit de kopgroep. Achteraf kwam Widar zelf met een verklaring voor die inzinking. “Vandaag was gewoon geen goede dag. In het laatste uur was ik gewoon oververhit”, liet hij optekenen tegenover Sporza.
Het vervolg liet zich vervolgens snel raden. “Ik blies dan ook meteen op op de laatste klim. Daarna was het overleven tot de finish. Ik had ook geen bidon meer en zat volledig à bloc door de warmte.”
Volgens Widar was er op dat moment dan ook maar één oplossing: zijn motor laten afkoelen. “Uiteindelijk moest ik gewoon kunnen afkoelen. Als dat niet lukt, zal je sowieso ontploffen. Ook als er trager gereden zou worden.”

Elk nadeel heb z'n voordeel
Uiteindelijk bolde Widar als 24ste over de streep, op een kleine vier minuten van winnaar Tadej Pogacar. De schade bleef zo nog enigszins beperkt, al zakt de Belg wel terug naar de elfde plaats in het algemene klassement.
Dat klassement was sowieso niet het hoofddoel van Widar. Het tijdverlies ziet hij dan ook eerder als een voordeel met het oog op de komende ritten. “Dat is beter voor ontsnappingen, anders wordt dat onmogelijk. Dat tijdsverlies kan me niet zo veel schelen”, klonk het zowel positief als nonchalant.
“We blijven het dag per dag bekijken. Ik hoop op betere benen en minder warmte”, besloot de renner van Lotto-Intermarché.
Kevin De Jonghe