Hij wist zijn klassieke seizoen op perfecte wijze te openen: met winst in de Omloop Het Nieuwsblad. Maar ondanks die vroege hoogvorm zullen we Mathieu van der Poel komende zaterdag toch niet aan de start zien van Strade Bianche.
LEES OOK: Philipsen opent boekje over Omloop: ''Toen was het gedaan''
Te veel klimkoersNochtans een wedstrijd waar Van der Poel groot aanhanger van was, en in 2021 ook al wist te winnen. Echter is er in tussentijd heel wat veranderd omtrent Strade Bianche. Zo is de wedstrijd op enkele jaren tijd van iets meer dan 3000 hoogtemeters naar meer dan 4000 hoogtemeters gegaan.
Meteen ook de grootste oorzaak voor de afwezigheid van Van der Poel. “Het is veel zwaarder geworden. In kilometers, maar vooral in hoogtemeters”, ziet ook ploegleider Christoph Roodhooft van Alpecin-Premier Tech. “Vergelijk het met vijf jaar geleden en het aantal hoogtemeters is met 20 tot 25% toegenomen.”
Dat maakt dat Strade Bianche voor Van der Poel plots heel moeilijk te winnen valt, al zeker tegen mannen als Tadej Pogacar, weet Roodhooft bij Het Nieuwsblad: “Vroeger was deze wedstrijd al op de limiet voor de klassieke, punchy renners. Maar toen kon het nog net. Nu is ze over die limiet.”
“Veel hangt ook af van de tegenstand. Toen Mathieu in 2021 won, moest hij Bernal kloppen. Ook niet makkelijk. Maar stoot je straks op een Pidcock of een Pogacar aan 100 procent, zou het gewoon héél moeilijk worden voor hem. En inderdaad: dan kan Mathieu beter op andere wedstrijden focussen.”

Ook nood aan training
Dat Strade Bianche nu zulke klimkoers is geworden is de grootste reden voor de afwezigheid van Van der Poel, maar niet de enige. Zo stipt Roodhooft aan dat de Nederlander ook nog nood heeft aan training: “Ook Mathieu heeft af en toe een goed trainingsblok nodig.”
“Vergeet niet dat hij tot vlak voor de Omloop nog op hoogte zat. Die acht dagen tussen de Omloop en de Tirreno kan hij goed gebruiken. Rij je de Strade, vallen daar toch weer enkele dagen weg”, sluit Roodhooft af.
Kevin De Jonghe