De vroege vlucht van Remco Evenepoel in Luik-Bastenaken-Luik zorgde niet alleen voor verbazing bij fans en analisten, maar ook bij zijn grootste concurrent. Zelfs Tadej Pogacar keek even vreemd op toen de Belg plots mee vooraan zat.
LEES OOK: Evenepoel onthult hoe vroege vlucht in Luik nu echt tot stand kwam
“Normaal laat je hem niet rijden”Pogacar gaf toe dat hij in eerste instantie niet helemaal gerust was toen Evenepoel deel uitmaakte van de kopgroep. “Ik was een beetje bang dat hij zou kunnen wegrijden en solo zou gaan,” klonk het eerlijk bij Sporza.
Toch veranderde dat gevoel naarmate de koers vorderde. “Na een tijdje beseften we dat het niet zo’n probleem was,” legde hij uit. Volgens de Sloveen speelt samenwerking in zulke grote groepen vaak een doorslaggevende rol — en die ontbrak.
Het team van Pogačar hield echter het hoofd koel en controleerde de wedstrijd nauwgezet. Vooral zijn ploegmaats leverden volgens hem cruciaal werk. “We hebben de situatie onder controle gehouden dankzij Vegard en Rune,” verwees hij naar Vegard Stake Laengen en Rune Herregodts. “Zij hebben fantastisch werk verricht.”

Pogacar maakt het verschil
Vanaf dat moment nam het team van Pogačar de wedstrijd stevig in handen. Tot aan de voet van La Redoute werd het tempo strak gecontroleerd, waarna de Sloveen perfect werd afgezet voor zijn beslissende aanval.
Op de klim kwam hij nog samen boven met het Franse supertalent Paul Seixas, maar Pogačar bleek opnieuw de sterkste. Op de Roche-aux-Faucons plaatste hij zijn ultieme demarrage en liet hij zijn laatste metgezel achter.
Van daaruit reed hij solo naar zijn vierde overwinning in Luik-Bastenaken-Luik, waarmee hij nogmaals zijn status als absolute referentie in het voorjaar onderstreepte.
Stan Strubbe