Wout van Aert begeeft zich ongetwijfeld nog steeds in de zevende wielerhemel, na zijn grote triomf van afgelopen zondag in Parijs-Roubaix. Nu gaat de Kempenaar er even tussenuit, komende (na)zomer liggen er echter alweer andere doelen in het verschiet.
LEES OOK: Van Aert wil nieuwe stunt in 2026: "Dat zei hij vorig jaar al"
Van Aert hakt knoop doorZoals het WK in Canada. Dat staat hoog aangeschreven bij Van Aert, die er een mooie kans ziet om ook eens de regenboogtrui te kunnen aanmeten. “Ik merktevorig jaar na de Tour al dat hij met zijn hoofd bij dat WK in Canada zat”, getuigt bondscoach Serge Pauwels bij Het Nieuwsblad.
“Op dat moment sprak Wout al van Canada en dat hij er daar wel absoluut bij wilde zijn.” Daar zou hij weg- en tijdrit opnieuw kunnen combineren, maar de focus ligt toch echt wel op de wegrit. Het tijdrijden heeft Van Aert immers naar het achterplan verwezen, zegt Pauwels.
“Na zijn bronzen medaille op de Spelen lijkt hij dat hoofdstuk stilletjes te hebben afgesloten. Zijn focus ligt er minder op dan een paar jaar geleden”, windt die er geen doekjes om. Er zijn intussen dan ook heel wat sterke tijdrijders bijgekomen.
“In 2021 eindigde hij nog op zes seconden winnaar Ganna op het WK. Dat was nog een heel grote ontgoocheling. Maar vandaag heb je ook nog Remco, Tarling, Pogacar… Dat resultaat ooit nog evenaren wordt heel moeilijk”, beseft ook Pauwels.

Afspraken met Remco
De nadruk ligt dus duidelijk op de wegrit in Montréal, waar evenzeer grote concurrentie is. Niet in het minst die van Tadej Pogacar, die daar alweer een parcours op zijn maat vindt. Het feit dat hier met landenteams word gestreden ziet Pauwels echter als voordeel. “De Sloveense nationale ploeg is sowieso minder sterk dan UAE.”
Maar er is ook concurrentie in eigen rangen. Zo zal ook Remco Evenepoel opnieuw paraat staan. Daar zullen dus goede afspraken moeten worden gemaakt, om toestanden zoals Leuven 2021 te vermijden. “Als het zover is, gaan we dat gesprek uiteraard moeten aangaan”, beseft Pauwels. “Maar het is niet omdat er maar één renner wereldkampioen kan worden dat je niet verschillende kaarten kan uitspelen.”
Kevin De Jonghe