De naam van Paul Seixas gonst steeds luider door het peloton. De amper 19-jarige Fransman maakt indruk in de Ronde van het Baskenland en wordt nu al naar voren geschoven als mogelijke uitdager van Tadej Pogacar. Maar is hij écht klaar om de wereldkampioen pijn te doen?
LEES OOK: Seixas domineert en wint weer in Baskenland
Blik richting LuikVolgens Jan Bakelants (Sporza) ligt het antwoord mogelijk al snel op tafel, met de Luik-Bastenaken-Luik als eerste echte test.
“Of hij Pogacar kan bedreigen? Dat zullen we in Luik zien”, klinkt het. “Seixas heeft heel gericht naar die koers toegewerkt, met een programma dat daar perfect op aansluit.”

Dat staat in schril contrast met Pogacar, die via een atypische voorbereiding – met onder meer Parijs-Roubaix – naar de Ardennen trekt. “Dat zou er wel eens voor kunnen zorgen dat hij net iets minder scherp is dan normaal.”
Nieuwe naam in oud verhaal
De wielerwereld wacht al jaren op een duel op het scherpst van de snee in Luik. Namen als Remco Evenepoel en Pogacar vielen al vaak, maar een echte clash bleef telkens uit.
“Ofwel was de ene geblesseerd, ofwel viel de andere uit”, aldus Bakelants. “We hebben die strijd gewoon nog nooit gezien.
En nu komt daar plots een derde naam bij: Seixas. De prestaties van Seixas zorgen ook in Frankrijk voor ongekende verwachtingen. De jonge klimmer lijkt op weg om een opvallende statistiek uit te wissen: sinds Christophe Moreau in 2007 won geen Fransman nog een grote WorldTour-rittenkoers. Dat maakt de hype alleen maar groter.

Tour of niet?
De vraag rijst dan ook: moet Seixas al naar de Tour de France? Volgens Mark Uytterhoeven is dat zeker een optie. “Als hij dit jaar nog een grote ronde rijdt, dan wordt het de Tour of de Vuelta.”
De Giro d'Italia lijkt uitgesloten door zijn focus op de klimklassiekers. Tegelijk lonken later op het seizoen ook doelen als het WK en de Canadese WorldTour-koersen.
De opmars van Seixas zorgt voor nieuwe dynamiek aan de top van het wielrennen. Of hij meteen aan de poten van Pogacar kan zagen? Dat antwoord krijgen we mogelijk sneller dan gedacht, op de steile hellingen richting Luik.
WN Redactie