Een dag na de mannen is het de beurt aan de vrouwen in de Ronde van Brugge. En wie naar het startveld kijkt, komt al snel tot dezelfde conclusie: als het op een sprint uitdraait, is er maar één naam die boven alles uitsteekt. Lorena Wiebes.
De Nederlandse van SD Worx-Protime domineert dit soort koersen al jaren en lijkt ook in Brugge opnieuw dé te kloppen vrouw. Voor het peloton wordt het dus opnieuw dezelfde vraag: hoe raak je van Wiebes af?
LEES OOK: Groenewegen en ploeg op roze wolk: "Hebben plezier"
ParcoursHet parcours van de vrouwenwedstrijd telt 143,7 kilometer en volgt grotendeels dezelfde structuur als bij de mannen. Start en finish liggen in Brugge, met onderweg twee lussen die het peloton door West-Vlaanderen sturen.
Eerst is er een zuidelijke lus via Torhout, Wingene en Beernem, waarna in de finale de noordelijke lus volgt langs Damme, Koolkerke en Dudzele. Daar ligt ook de Brieversweg, de enige kasseistrook van de dag.

Veel impact zal die strook waarschijnlijk niet hebben, maar het zijn vooral de open vlaktes die deze koers verraderlijk maken. Als de wind opsteekt, kan het peloton zomaar in stukken breken. Blijft het rustig, dan is het haast onvermijdelijk dat we naar een massasprint trekken.
De aankomst ligt opnieuw in Brugge, op brede wegen die ideaal zijn voor een klassieke sprintvoorbereiding.
Wiebes opnieuw de maatstaf
Lorena Wiebes is zonder twijfel de topfavoriete. De Nederlandse sprintster won deze koers vorig jaar overtuigend en lijkt ook nu opnieuw een stap voor te hebben op de concurrentie. Ze meldde pas op het laatste moment haar deelname aan deze koers.
Met een sterke ploeg rond zich, met onder meer Marta Lach en Femke Markus, heeft ze bovendien de controle om de wedstrijd naar haar hand te zetten. In een ‘normaal’ koersverloop is het moeilijk om een scenario te bedenken waarin Wiebes niet meesprint voor de overwinning. En als ze meesprint, weten de concurrenten hoe laat het is.
Wie kan het haar lastig maken?
Toch zijn er rensters die durven dromen. Elisa Balsamo is een van de weinigen die Wiebes in een pure sprint kan benaderen, al lijkt haar vorm nog niet op het niveau van haar beste dagen.
Charlotte Kool is misschien wel de grootste uitdager. De Nederlandse heeft dit voorjaar al laten zien dat ze stappen heeft gezet en weet wat winnen is in Vlaamse koersen. Ook Lara Gillespie is een naam om te onthouden, zeker als het een iets lastigere wedstrijd wordt.

Daarachter volgt een brede groep sprintsters die mikken op het podium of een verrassing. Chiara Consonni blijft gevaarlijk in hectische finales, terwijl ook Shari Bossuyt voor eigen publiek iets extra’s kan tonen.
Daarnaast zijn er nog namen als Nienke Veenhoven en Ally Wollaston, die op een goede dag kunnen meedoen voor de ereplaatsen.
Belgische hoop en koersscenario
Vanuit Belgisch oogpunt is het vooral uitkijken naar Bossuyt. In een sprint tegen de absolute wereldtop wordt het lastig, maar in een selectere finale of na een chaotische koers kan ze zeker een rol spelen.

Veel zal afhangen van het koersverloop. Durven ploegen de wedstrijd hard te maken in de wind? Of wordt het een gecontroleerde koers waarin alles richting een sprint wordt getrokken?
In dat laatste scenario is de uitkomst bijna voorspelbaar. Dan draait alles om één naam: Lorena Wiebes.
Favorieten WielerNieuws.be
**** - Lorena Wiebes
*** - Charlotte Kool, Elisa Balsamo
** - Chiara Consonni, Lara Gillespie, Shari Bossuyt
* - Ally Wollaston, Nienke Veenhoven, Georgia Baker, Zoe Bäckstedt
WN Redactie