De erelijst van Tadej Pogacar is op relatief jonge leeftijd al indrukwekkend gevuld, maar helemaal compleet voelt die voor de Sloveen nog niet. Twee iconische klassiekers ontbreken nog: Milaan-San Remo en Parijs-Roubaix. Precies daar stuit Pogacar echter steeds op dezelfde, bijna onoverkomelijke horde: Mathieu van der Poel.
Volgens oud-renner en analist Jens Voigt ligt daar het grote probleem voor de wereldkampioen. In de Domestique Hotseat schetst de Duitser een duidelijk beeld van de machtsverhoudingen in de voorjaarsklassiekers. Zolang Van der Poel in topvorm aan de start verschijnt, ziet hij weinig ruimte voor Pogacar om juist dié koersen aan zijn palmares toe te voegen.
LEES OOK: José De Cauwer brengt wel heel slecht nieuws over Wout Van Aert
Klassiekers op maat van Van der PoelVoigt is uitgesproken in zijn analyse. “Het is voor Pogacar bijna onmogelijk om wedstrijden als Parijs-Roubaix en Milaan-San Remo te winnen, zolang Van der Poel nog actief is en in goede vorm aan de start staat,” stelt hij. Volgens de Duitser zijn dat koersen die Van der Poel simpelweg beter liggen, zowel qua profiel als qua wedstrijdverloop.
Die woorden zijn niet uit de lucht gegrepen. In Milaan-San Remo botste Pogacar al twee keer rechtstreeks op Van der Poel, telkens met een nederlaag tot gevolg. Daar kwam nog bij dat Van der Poel tussendoor ook een sleutelrol speelde in de zege van ploeggenoot Jasper Philipsen. Ook in Parijs-Roubaix moest Pogacar in een rechtstreeks duel zijn meerdere erkennen in de Nederlander, ondanks een indrukwekkende prestatie.

De andere kant van de medaille
Toch ziet Voigt het verhaal niet als eenrichtingsverkeer. De Duitser wijst erop dat Van der Poel op zijn beurt tegen een bijna even hardnekkig obstakel aankijkt. Zolang Pogacar actief blijft en zijn zinnen zet op overwinningen, zijn de heuvelmonumenten voor Van der Poel lastig te veroveren.
Daarmee doelt Voigt op koersen als Luik-Bastenaken-Luik en de Ronde van Lombardije. Wedstrijden waarin Pogacar met zijn klimvermogen en koersintelligentie juist in het voordeel is en waarin Van der Poel structureel tegen zijn grenzen aanloopt.

Rivaliteit als brandstof
Wat voor de één een probleem lijkt, ziet Voigt vooral als een zegen voor de sport. Hij geniet zichtbaar van de voortdurende tweestrijd tussen Pogacar en Van der Poel, die elkaar jaar na jaar uitdagen op het hoogste niveau. “Ik geniet echt van de rivaliteit, het streven naar grootsheid en het winnen van alle vijf de wielermonumenten,” aldus Voigt.
Volgens de Duitser is juist die botsing van stijlen en ambities wat het huidige wielrennen zo aantrekkelijk maakt. Beide renners gaan telkens vol voor hun doelen, ook als dat betekent dat ze elkaar recht in de ogen moeten kijken in elkaars favoriete terrein. Dat Pogacar nog wat vakjes wil afvinken en Van der Poel die ambitie keer op keer dwarsboomt, maakt het spel alleen maar mooier.
WN Redactie