Thibau Nys weet wat hem zondag in Hulst te wachten staat. Mathieu van der Poel is de uitgesproken topfavoriet voor een achtste wereldtitel, maar dat betekent niet dat de Belgische hoop vooraf al berust. Integendeel: Nys wil het duel aangaan, al is het met open ogen.
“Eigenlijk telt er maar één plek op een WK”, zegt hij daags voor de titelstrijd bij Sporza. “Maar ik zou heel blij zijn met een podiumplaats.” De ambitie is helder, net als het plan. “Ik ga proberen heel goed te starten en in elk geval te proberen om Mathieu te volgen. Ik wil niet met het gevoel achterblijven dat ik het niet eens geprobeerd heb.”

LEES OOK: Preview WK Veldrijden: Is Van der Poel te verslaan?
Niet over de limietDat proberen heeft wel duidelijke grenzen. Nys kent zichzelf ondertussen goed genoeg om geen domme dingen te doen. “Ik ga niet over mijn toeren”, klinkt het nuchter. “In Benidorm heb ik ook snel de handrem opgetrokken. Waarschijnlijk begint daarna snel de koers in de koers.” Met andere woorden: vanaf het moment dat Van der Poel echt boven zichzelf uitstijgt, verschuift de focus richting de strijd om de ereplaatsen.
Dat zorgt voor een totaal andere mentale aanloop dan wanneer hij zelf als topfavoriet aan een kampioenschap begint. “Ik kan niet ontkennen dat dit anders voelt dan voor de titel te gaan”, geeft Nys toe. “Dan zit je daar twee weken mee in je hoofd. In die laatste week stijgt je hartslag al met tien slagen per minuut als je nog maar aan een mogelijk scenario dénkt.”

Minder stress, dubbel gevoel
Die spanning is er nu minder. En dat wringt ergens. “Met iemand die er zó ver bovenuit steekt, neemt dat stress weg”, legt hij uit. “En dat vind ik jammer, want ik vind dat een leuk gevoel.” Het zegt veel over de ingesteldheid van Nys, die net energie haalt uit druk en verwachtingen.
Tegelijk is hij realistisch over zijn fysieke toestand. Het seizoen was lang en veeleisend, en dat laat sporen na. “Ik voel de vermoeidheid wel”, erkent hij. “Maar ik ben blij met mijn vorm en ik zal er alles aan doen om voor honderd procent scherp en klaar aan de start te staan.”
Van grootspraak wil hij niets weten. “Of ik beter ben dan iedereen denkt? Dat denk ik niet”, besluit Nys. “Maar als ik zondag niets heb laten liggen, dan is mijn WK geslaagd.”
WN Redactie