Jonas Vingegaard rijdt in 2026 een opvallend beperkt programma, met voorlopig slechts vier wedstrijden op zijn kalender. Daarin zitten wel meteen de Giro d’Italia én de Tour de France, maar zonder een belangrijke steunpilaar als Simon Yates. De Deen vertelt bij WielerFlits openhartig over burn-outs in het peloton, zijn keuzes richting de Tour en zijn stille droom om ooit ook eendagsklassiekers te winnen.
LEES OOK: Vingegaard verrast met plottwist in 2026
Afscheid Simon Yates en mentale belastingHet plotse afscheid van Simon Yates kwam ook voor Vingegaard onverwacht. “De timing was verrassend, ja. Het is voor ons als ploeg een grote klap”, erkent hij. “Maar ik heb enorm veel respect voor Simon en zijn beslissing. Er is moed voor nodig om op dit punt te stoppen. Hij voelde dat het genoeg was.”
Het onderwerp raakt aan een bredere problematiek in het peloton. “Het gaat de laatste jaren veel over burn-outs”, vervolgt Vingegaard. “Wielrennen is een harde wereld, voor iedereen. We reizen veel en soms is het gewoon té veel. Misschien moeten we leren om het slimmer aan te pakken. Meer individueel. Niet elke renner kan even goed omgaan met constant van huis zijn. Als we dat beter doen, kunnen carrières misschien langer duren.”

Weinig koersen, maar geen rustig jaar
Op papier oogt het programma van Vingegaard licht: vier koersen, twee minder dan vorig seizoen. Toch wil hij dat beeld nuanceren. “Met die vier wedstrijden ga ik richting de zestig koersdagen”, legt hij uit. “Alles is volledig afgestemd op de Tour. Als je te veel doet in het voorjaar, betaal je daar later de prijs voor.”
Zeker in combinatie met de Giro is voorzichtigheid geboden. “Als je de Giro rijdt én wil meedoen voor de Tourzege, moet je een minder zwaar voorjaar draaien. Na de Tour bekijken we of er nog iets bijkomt, of dat het genoeg is geweest.”
Droom van eendagsklassiekers
Vingegaard begrijpt de wens van fans om de absolute toppers vaker tegen elkaar te zien, iets wat ploegbaas Richard Plugge met ONE Cycling ook nastreeft. “Dat snap ik heel goed”, zegt hij. “Maar we hebben allemaal onze eigen doelen en plannen. Tadej Pogačar kiest bewust voor eendagsklassiekers. Daar heb ik enorm veel respect voor.”
Zelf droomt hij daar ook van. “Ik zou ze ook heel graag winnen. Het zijn speciale wedstrijden en ik geniet ervan om ze te volgen. Alleen: ik heb nog niet de juiste manier gevonden om ze te rijden. Op dit moment kan ik dat simpelweg niet. Het niveau ligt zo hoog dat je voor élke koers honderd procent in orde moet zijn.”
Niet uitgesloten voor de toekomst
Dat Vingegaard voorlopig geen klassiekers rijdt, betekent niet dat hij ze definitief heeft opgegeven. Zijn mislukte EK op de weg van vorig jaar ziet hij niet als een definitief oordeel. “Het zou te makkelijk zijn om te zeggen dat ik daar gefaald heb en het daarom laat varen. Ik had die koers totaal niet goed voorbereid. Na de Vuelta zat ik er echt doorheen.”
Op het EK moest hij vroeg lossen en haalde hij de finish niet, wat meteen zijn enige eendagskoers van het seizoen werd. Toch houdt hij de deur op een kier. “Het is niet dat ik WK’s niet wíl rijden, maar dat ik ze vaak niet kán rijden. Ik heb nog nooit de energie gehad die ervoor nodig is. Ik hoop dat mensen dat nu beter begrijpen.”
Voor nu blijft de focus duidelijk: Giro, Tour en alles wat daarvoor nodig is. Maar diep vanbinnen leeft ook bij Vingegaard de droom om ooit, net als Pogačar, zijn stempel te drukken op de eendagsklassiekers.
WN Redactie