Laurens Sweeck heeft zijn nieuwe veldritseizoen allesbehalve naar wens zien beginnen, maar is niet van plan om zijn ambities nu al bij te stellen. De 32-jarige Belg van Crelan-Corendon moest vorig seizoen maandenlang toekijken vanwege een zware schouderblessure en kreeg vlak voor zijn eerste cross opnieuw met fysieke problemen te maken. Hoewel de resultaten voorlopig tegenvallen, blijft de voormalige Belgische kampioen overtuigd van zijn kwaliteiten. Vooral het WK in Oostende heeft Sweeck met rood omcirkeld, al beseft hij dat hij daarvoor de komende maanden nog flinke stappen moet zetten.

De eerste weken van het veldritseizoen hebben Sweeck voorlopig weinig reden tot tevredenheid gegeven. In de openingscross in Dendermonde kwam de Belg niet verder dan de 23e plaats, waarna hij de Kermiscross in Ardooie noodgedwongen aan zich voorbij moest laten gaan. Maag- en darmklachten speelden hem parten, waardoor zijn ploeg besloot om hem enkele extra dagen rust te gunnen. Ook tijdens zijn terugkeer in Meulebeke was de voormalige Belgische kampioen nog niet op zijn gebruikelijke niveau, al liet hij met een dertiende plaats wel enige verbetering zien.
In de Nacht van Woerden volgde vervolgens een twaalfde plaats, terwijl Sweeck zaterdag in Heerde als zevende eindigde. Daarmee lijkt er langzaam maar zeker vooruitgang zichtbaar, al zijn de verschillen met de renners die momenteel om de overwinningen strijden nog aanzienlijk. Voor de Belg is het vooral zaak om zijn wedstrijdritme terug te vinden, nadat zijn vorige veldritwinter door een zware valpartij eveneens behoorlijk in de war werd gestuurd.
Sweeck blikt terug op zware blessure en lange revalidatie
Eind december kwam Sweeck tijdens de Azencross in Loenhout zwaar ten val bij het opdraaien van de aankomststrook. Daarbij liep hij een ernstige ontwrichting op van het gewricht tussen zijn sleutelbeen en schoudergordel, waardoor hij ongeveer de helft van het seizoen moest missen. De daaropvolgende revalidatie nam behoorlijk wat tijd in beslag, al wist de Belg tijdens zijn gedwongen afwezigheid ook enkele positieve kanten te ontdekken.
In gesprek met WielerFlits vertelt Sweeck dat de eerste periode na zijn val vooral in het teken stond van pijn en herstel. Naarmate zijn schouder opnieuw beter begon te functioneren, kwam ook de motivatie om weer te trainen terug. Tegelijkertijd gaf de onverwachte onderbreking hem de mogelijkheid om meer tijd met zijn kinderen door te brengen, iets waarvoor tijdens een normale veldritwinter nauwelijks ruimte bestaat.
Inmiddels heeft Sweeck naar eigen zeggen geen last meer van zijn schouder en kan hij ook de technische passages van een veldrit zonder problemen afwerken. Wel moest hij zijn trainingsbelasting geleidelijker opbouwen dan gebruikelijk, waardoor zijn voorbereiding enigszins anders verliep dan tijdens voorgaande jaren. De ziekte vlak voor zijn eerste cross betekende vervolgens een nieuwe tegenvaller, maar van blijvende gevolgen van zijn schouderblessure lijkt geen sprake.
Ondanks zijn 32 jaar maakt Sweeck zich bovendien geen zorgen over zijn leeftijd. De Belg behoort inmiddels tot de meest ervaren renners binnen Crelan-Corendon, maar merkt tijdens trainingen dat hij nog altijd goed kan meekomen met zijn jongere ploeggenoten. "Ik voel op training dat ik kan wedijveren met onze jonge mannen", benadrukt hij, waarmee hij duidelijk maakt dat zijn vertrouwen in zijn eigen kwaliteiten niet verdwenen is.
WK in Oostende blijft grote droom voor Sweeck
Dat Sweeck nog altijd wedstrijden kan winnen, bewees hij vorig seizoen met zijn overwinning in de Superprestige van Niel. De Belg rekende daar na een bijzonder spannende finale af met Niels Vandeputte en bevestigde daarmee dat hij ook na enkele mindere wedstrijden nog altijd in staat is om de concurrentie te verslaan. Een seizoen eerder verzamelde hij zelfs zeven overwinningen, waardoor er volgens hem geen enkele reden is om zijn carrière nu al af te schrijven.
Voor de komende maanden heeft Sweeck vooral de kampioenschappen als belangrijkste doelstellingen aangewezen. Zowel het EK als het Belgisch kampioenschap spreekt hem aan, maar zijn grootste droom ligt bij het WK in Oostende. De Belgische kuststad vormt met haar zware zandparcours een bijzonder interessant decor voor de ervaren zandspecialist, die in het verleden al meermaals bewees dat dergelijke omstandigheden hem uitstekend liggen.
"Wat nog mist op mijn palmares is het WK", erkent Sweeck, die beseft dat vooral de mogelijke deelname van Mathieu van der Poel een belangrijke rol kan spelen in zijn kansen op de regenboogtrui. De Nederlander domineerde de afgelopen wereldkampioenschappen, maar twijfelt voorlopig nog over zijn deelname aan de komende veldritwinter. Mocht Van der Poel daadwerkelijk besluiten om het WK over te slaan, dan ziet Sweeck vanzelfsprekend meer mogelijkheden om zelf een gooi naar de wereldtitel te doen.
De Belg bewaart bovendien bijzondere herinneringen aan het WK van 2021 in Oostende, waar vanwege de coronamaatregelen geen publiek aanwezig mocht zijn. Juist daarom kijkt hij ernaar uit om opnieuw op dat parcours te kunnen rijden, ditmaal hopelijk voor een volwaardige menigte. Voorlopig ligt zijn aandacht echter vooral bij het hervinden van zijn beste vorm, zodat hij richting de belangrijkste wedstrijden van de winter opnieuw kan meestrijden om de podiumplaatsen en overwinningen.
WN Redactie