Het crossseizoen is vorige week van start gegaan, voorlopig nog zonder de absolute kleppers. Vooral de aanwezigheid van Wout van Aert en Mathieu van der Poel is nog onzeker. Beide heren blijven grote publiekstrekkers in het veldrijden, maar volgt er straks ook een WK in Oostende voor hen? De organisator heeft daar alvast meer over te vertellen.
LEES OOK: Wout van Aert maakt wielerfans nu al gek voor 2027
Oostende in volle glorieHet wereldkampioenschap vindt dus opnieuw plaats aan de Belgische kust, net als in 2021. Toen mocht er door de coronapandemie echter geen publiek aanwezig zijn. Dit keer ligt de organisatie in handen van Flanders Classics, dat er een groots wielerweekend van wil maken.
“Dit is een heel groot evenement op een iconische site”, vertelt CEO Thomas Van Den Spiegel bij Sproza. “Je hebt hier de combinatie van onder meer de Wellington Renbaan, de Gaanderijen en de zee. Zo'n decor, daar kan je als organisator alleen maar van dromen.”
Van Den Spiegel wil die bijzondere omgeving dan ook volop benutten in het parcours. “Wij willen en zullen Oostende uitgebreider laten zien. We nemen ook een stuk van de dijk, de skyline en het casino mee. Op het strand bouwen we ook een heuvel en zal een stukje verhard worden.”

Wat met Van Aert & Van der Poel?
De grote vraag is natuurlijk of ook de absolute toppers van het veldrijden van de partij zullen zijn. Thibau Nys zal er met zekerheid bij zijn, maar over Wout van Aert en Mathieu van der Poel bestaat voorlopig nog geen duidelijkheid. Van den Spiegel houdt de lippen op elkaar, voor zover hij zelf al meer weet.
“Daar zullen zij zelf over beslissen. Ik weet niet of zij het zelf al weten, maar het is niet aan ons om daar uitspraken over te doen”, klinkt het. Uiteraard hoopt de organisatie dat ook de twee absolute smaakmakers van het veldrijden aan de start verschijnen.
“We hopen dat zij de sportieve ambitie koesteren om hier nog wereldkampioen te worden. We praten constant met hen en hun entourage, maar dat is elke crosswinter zo. Wij moeten vooral goed organiseren. Wij zorgen ervoor dat het theater er zal staan”, belooft Van den Spiegel alvast.
Kevin De Jonghe