Hij doet het niet al te vaak meer, maar wanneer Eddy Planckaert zich nog eens opoffert als wieleranalist, doet hij dat met volle overgave. Dat was ook deze keer niet anders tijdens zijn eenmalige passage in Wielerclub Wattage.
Planckaert deed er dienst als vervanger van Dirk De Wolf, die klaarblijkelijk andere verplichtingen had en niet tijdig kon afreizen vanuit Tenerife, zijn tweede thuishaven. En of de voormalige wielerster zich nog eens heeft kunnen uitleven.
LEES OOK: Eddy Planckaert maakt Van der Poel in één klap met de grond gelijk
Fransen snoeihard aangepaktVerschillende renners moesten eraan geloven, want de kritiek van Planckaert was bijwijlen niet mals. Zo nam hij ook de Franse ploeg en in het bijzonder Paul Seixas onder vuur. Volgens Planckaert maakten de Fransen er een onnodige uitputtingsslag van.
“Die zaten al op 700 kilometer van de streep te rijden. Wat voor dommeriken zijn dat?”, was hij meteen scherp. “Ze gingen het eens regelen voor een 19-jarige die nog zijn pamper aan heeft”, ging hij schertsend verder.
Daarmee doelde hij uiteraard op Paul Seixas. “Dat is wel een supergoede renner, maar hij heeft nul ervaring op een WK. Dan ga je toch niet zo ver van de streep de koers in handen nemen?”, temperde Planckaert zijn kritiek enigszins.

Ook Van der Poel en Van Aert moeten eraan geloven
Maar ook de grootsten – of meest populaire – der aarde ontsnapten niet aan het scherpe oog van Planckaert. Zo moest ook Mathieu van der Poel het ontgelden. “De actie van Van der Poel vond ik zo stom als wat”, sprak hij over diens aanvalsdrift op zo’n 90 kilometer van de streep.
“Mocht hij de koers lezen zoals zijn vader dat deed, of zoals wij dat deden, dan zou hij op zijn één been gewonnen hebben”, aldus Planckaert over de volgens hem te onstuimige Nederlander.
Ook Wout van Aert ontsnapte niet aan de kritiek van de voormalige renner. Volgens Planckaert had Van Aert zich veel meer moeten verstoppen en pas in de finale tevoorschijn moeten komen. Bovendien liet Van Aert zich volgens Planckaert te veel opjagen door… Van der Poel.
Kevin De Jonghe