Jan Ullrich heeft opnieuw openhartig gesproken over zijn dopingverleden. De Duitser, die in 1997 de Tour de France won, erkent dat hij veel eerder met zijn verhaal naar buiten had moeten komen. "Ik had de hele wielersport kunnen laten ontploffen", blikt de inmiddels 52-jarige oud-renner terug.

Ullrich: "Ik wilde niemand erbij lappen"
Ullrich bekende in 2013 dat hij tijdens zijn carrière doping had gebruikt. Daarmee kwam er een einde aan jarenlange speculaties. Later vertelde hij zijn verhaal ook in een documentaire, maar in de podcast Inas Nacht ging hij opnieuw uitgebreid in op die periode. "Ik heb het moment gemist", aldus Ullrich. "Ik had toen de hele wielersport kunnen laten ontploffen. Ik had iedereen in de sport kunnen betrekken, maar ik wilde niemand erbij lappen. Daarvoor hield ik te veel van mijn sport."
Volgens de Duitser speelde ook de cultuur binnen het peloton een belangrijke rol. Dopinggebruik werd destijds op een heel andere manier bekeken dan tegenwoordig. "Uiteindelijk deed iedereen het. Niet alleen in het wielrennen trouwens. We deden wat er op dat moment bij hoorde en wat alle anderen ook deden."
"Als iedereen het doet, draait het nog steeds om talent"
Ullrich legt uit dat renners hun gedrag destijds voor zichzelf rechtvaardigden. Volgens hem leefde het idee dat talent uiteindelijk nog altijd de doorslag gaf. "We praatten het voor onszelf goed, onder het motto dat het uiteindelijk toch nog altijd om talent en kunde draaide als iedereen hetzelfde deed."

Over het huidige wielrennen spreekt Ullrich zich voorzichtiger uit. Hij gelooft dat de sport grote stappen heeft gezet, maar absolute garanties wil hij niet geven. "Ik wil best geloven dat alles schoon is. Drie weken hoogtetraining hebben ongeveer hetzelfde effect als EPO destijds. Maar mijn hand steek ik er niet voor in het vuur."
WN Redactie