Heel even leek Tom Pidcock mee te kunnen strijden voor de ritzege, maar in de absolute finale liep het helemaal mis voor de Brit. Niet door een gebrek aan benen, wel door een technisch probleem dat precies op het slechtst mogelijke moment opdook. Achteraf vertelde de renner van Q36.5 zelf hoe één klein defect een grote impact had.
LEES OOK: Cian Uijtdebroeks onthult eindelijk wat er écht aan de hand is
Net op het verkeerde momentToen de finale losbarstte, merkte Pidcock plots dat zijn fiets niet meer deed wat hij moest doen. Schakelen bleek onmogelijk, net op het moment dat iedere seconde telde. "Op dat klimmetje stopte mijn shifter met werken. Ik kon niet schakelen", vertelde hij na afloop.
De Brit probeerde het probleem onderweg nog zelf op te lossen. Een stevige trap tegen de fiets leek even effect te hebben, maar al snel bleek dat de problemen helemaal niet verdwenen waren.
"Mijn fiets werkt heel de dag goed en als het om de winst gaat, doet hij het niet meer", baalde Pidcock bij Sporza. "Ik heb het niet kunnen maken met die trap. Enkel de hood shifter werkte nog."
⚙️ A mechanical problem for 🇬🇧Tom Pidcock on the descent, but he’s back on track!
— Tour de France™ (@LeTour) July 12, 2026
⚙️ Frustration mécanique pour 🇬🇧Tom Pidcock dans la descente, mais ça repart !#TDF2026 pic.twitter.com/MLHvJQWFpP
Gemiste kans
Ondanks de technische problemen wist Pidcock zich alsnog in de sprint te mengen. Pas achteraf besefte hij dat het defect hem ook daar nog parten had gespeeld. "In de sprint was ik zo gefocust dat ik vergeten was dat ik niet goed kon schakelen."
De Brit moest uiteindelijk vrede nemen met de derde plaats en erkende dat Mathieu van der Poel op zo'n aankomst sowieso bijzonder moeilijk te verslaan is. "Mathieu is moeilijk te kloppen in deze situaties."
Toch hield Pidcock vooral een positief gevoel over aan zijn prestatie. "Ik ben blij met deze goede dag koers. Naar het startpodium rijden voelde vanmorgen als de oven opendoen, naar binnen kijken en de warmte vol in je gezicht krijgen. Toen we begonnen te koersen, viel het uiteindelijk nog mee."
Stan Strubbe