Is het WK-parcours in Montréal te zwaar voor Mathieu van der Poel? Remco Evenepoel durft die conclusie voorlopig niet te trekken. Hoewel het profiel op papier eerder richting de Ardennencoureurs wijst, ziet de Belg voldoende redenen om rekening te blijven houden met de Nederlander.
LEES OOK: 'Nederland krijgt klappen: Belgen leggen Van der Poel op de rooster'
Ander werk dan in VlaanderenEvenepoel krijgt de komende dagen zelf al een uitstekende kennismaking met Canadese wegen. Vrijdag staat de GP Québec op zijn programma, waarna zondag de GP Montréal volgt. Later keert hij terug naar de stad voor zowel het WK tijdrijden als de wegrit.
In aanloop naar die wedstrijden analyseerde hij bij Het Laatste Nieuws wat de hellingen van het WK zo specifiek maakt. De duur van de inspanningen speelt daarbij een belangrijke rol.
“Het zijn toch telkens kliminspanningen van vier à vijf minuten. Langer dan de puur ‘Vlaams-klassieke’ efforts van één tot twee minuten op pakweg Oude Kwaremont of Paterberg. En het loopt toch op aan acht procent. Dan ga je al sneller denken richting Ardennencoureurs.”
Van der Poel krijgt op papier dus niet het terrein voorgeschoteld waarop hij doorgaans het meest dominant is. Toch is dat voor Evenepoel lang niet voldoende om de Nederlander uit het lijstje met kandidaten voor de regenboogtrui te schrappen.

Eén factor maakt WK onvoorspelbaar
Het wereldkampioenschap valt laat in het jaar en komt na maanden waarin de grote namen al bijzonder veel van hun lichaam hebben gevraagd. Volgens Evenepoel kan de normale waardeverhouding daardoor in Montréal behoorlijk door elkaar worden geschud.
“Het is een WK, aan het einde van een zwaar seizoen. Dan kunnen de benen al eens anders uitpakken dan je hoopt. Koers is ook in die mate geëvolueerd dat zelfs punchers tegenwoordig vijf minuten lang heel hard kunnen klimmen.”
Het lichaamsgewicht van dat type renner kan op de langere hellingen wel een rol beginnen te spelen. Evenepoel ziet tegelijkertijd een belangrijk verschil met veel andere grote afspraken: Tadej Pogacar ontbreekt. “Hun gewicht kan nadelig inwerken. Maar in een topdag en, nogmaals, zonder Pogacar erbij: je weet het nooit...”
Stan Strubbe