Het (voor)jaar van Remco Evenepoel in 2026 is er één van contrasten. Van aanpassen en groeien, maar ook van bevestigen op het hoogste niveau. Want terwijl hij zich moest heruitvinden in een nieuwe ploeg, reed hij tegelijk één van de sterkere klassiekercampagnes uit zijn carrière. En nu, op de vooravond van Luik-Bastenaken-Luik, lijkt alles opnieuw samen te vallen.
Dit is geen voorjaar dat vraagt om een bekroning maar een voorjaar dat ernaar schreeuwt.
LEES OOK: Luik-Bastenaken-Luik vrouwen: parcours en favorieten - dit moet je weten
Een nieuw hoofdstuk, meteen raakDe winter betekende een frisse start voor Remco Evenepoel. Zijn overstap naar Red Bull–BORA–hansgrohe zorgde voor nieuwe energie, maar ook voor onzekerheid. Hoe snel zou hij zich aanpassen? Hoe zou hij functioneren binnen een nieuwe structuur?
Het antwoord kwam sneller dan verwacht. Al vroeg in het seizoen maakte Evenepoel indruk met meerdere zeges op Mallorca, waar hij meteen zijn stempel drukte met individuele overwinningen. Het was een duidelijk signaal: de nieuwe omgeving zou hem niet afremmen, maar net prikkelen.

Historisch podium in Vlaanderen
Maar dé echte doorbraak van zijn voorjaar kwam in de Ronde van Vlaanderen 2026. Voor het eerst in zijn carrière stond Remco Evenepoel aan de start van Vlaanderens Mooiste en hij deed meer dan gewoon deelnemen.
Hij reed meteen naar een podiumplaats. Derde, achter winnaar Tadej Pogacar en Mathieu van der Poel. Het was dus niet zomaar een bijrol. Het was eerder een statement.
Op een parcours dat lange tijd als ‘niet op maat’ werd gezien voor Evenepoel, bewees hij dat hij ook daar kan meestrijden met de absolute wereldtop. Niet als outsider, maar als een factor. Als iemand die de koers mee kan bepalen. Voor België voelde het als een nieuw hoofdstuk. Remco, die Vlaanderen niet langer ontwijkt maar omarmt.
Amstel: winnen op controle
Die lijn trok hij door richting de Ardennen. In de Amstel Gold Race 2026 volgde de ultieme bevestiging. Geen solo van 30 kilometer of een alles-of-niets-aanval. Maar juist controle, geduld en koersinzicht.
Evenepoel reed naar de finale met een elitegroep, overleefde de beslissende fase en klopte Mattias Skjelmose in een sprint-à-deux.

Het detail maakt het verschil: hij hoefde niet eens te domineren om te winnen. Dat zegt misschien wel meer dan eender welke solo.
Bewuste keuzes richting Luik
Opvallend was zijn programma nadien. Waar veel toppers de Waalse Pijl gebruiken als tussenstap, koos Evenepoel voor rust en focus. Geen overbodige inspanningen. Geen risico’s. Alles gericht op één doel: Luik-Bastenaken-Luik.
Dat past in het plaatje van een renner die zijn seizoen steeds slimmer indeelt. Die weet wanneer hij moet pieken en wanneer hij moet wachten. En misschien nog belangrijker: iemand die begrijpt waar hij écht het verschil kan maken.
Luik ligt hem als geen ander
Luik-Bastenaken-Luik is geen gewone koers voor Remco Evenepoel. Het is zijn terrein. Zijn habitat. Hij won hier al twee keer eerder, telkens op indrukwekkende wijze. Met lange solo’s, gecontroleerde inspanningen en een ongezien vermogen om een koers volledig naar zich toe te trekken.
De hellingen van La Redoute en Roche-aux-Faucons zijn gemaakt voor renners zoals hij. Niet voor de snelste punch, maar voor de sterkste motor. En net daar ligt zijn kracht.
Klaar om opnieuw toe te slaan
Het verschil met eerdere jaren? Evenepoel staat hier nu met méér bagage. Hij heeft bewezen dat hij een Monument kan rijden buiten zijn comfortzone, met dat podium in Vlaanderen. Hij heeft gewonnen op controle, met zijn Amstel-zege. En hij heeft geleerd om te pieken op het juiste moment.

Daarmee staat hij misschien wel sterker dan ooit aan de start van Luik. Niet enkel als jager.
Maar als iemand die weet: als ik ga, volgen er maar weinig. En ja, Tadej Pogacar en Paul Seixas zijn niet de eerste de beste renners. Maar als Remco Evenepoel één ding heeft laten zien in het voorjaar van 2026, dan is het dit: hij is niet alleen helemaal terug, hij is ook beter geworden.
WN Redactie