Voor Thibau Nys zijn het al bijzonder zure weken geweest, nadat hij geopereerd werd aan de knie. Daardoor mist hij zijn grote voorjaarsdoelen die momenteel volop aan de gang zijn. Maar gelukkig is er licht aan het einde van de tunnel.
LEES OOK: ‘Nys gaat alsnog grote ronde rijden in 2026’
Competitie is noodzakelijkNys is sedert vorige week immers weer aan het fietsen, al is er van echte training momenteel nog geen sprake. “Voorlopig nog heel rustig aan”, verduidelijkt hij bij Het Nieuwsblad. “Er zit nog wat vocht in de knie dat eerst moet wegtrekken. Ik denk dat ik er pas vanaf volgende week echt weer vollenbak zal kunnen invliegen.”
En dan kan Nys weer stilaan beginnen uitkijken om terug wedstrijden te rijden. Daarin wil hij uiteraard steeds de beste zijn. Maar zo staat de Balenaar eigenlijk volledig in het leven. Altijd en overal de beste in willen zijn. En dan nog liefst tegen iemand die beter is, zo stelt hij.
“Anders haal ik er toch geen voldoening uit als ik win”, lacht Nys. “Ik wil iemand die me een beetje prikkelt. Ik moet ergens een uitdaging vinden. Veel moet dat niet zijn. Als er iemand tijdens een duurtraining gewoon vier uur in mijn wiel hangt, kan ik er een doel van maken om die helemaal op het einde toch nog los te rijden.”
Ook in de professionele cross heeft hij dan ook liever competitie dan dat hij alles op zijn gemakje zou oprollen. “Absoluut. Niks tegen Mathieu van der Poel, maar het mooiste zijn crossen die spannend zijn tot in de allerlaatste ronde. Ook voor mij”, klinkt het duidelijk.

Talent als tennisser
Uiteraard is Nys wel één van de protagonisten in het veld, op jongere leeftijd was er nog een andere sport waarin hij excelleerde: tennis. “Ik had zeker iets van talent. Ik was goed genoeg om op school een bepaalde vrijstelling te krijgen om tennisles te volgen”, aldus Nys.
“Maar ik denk niet dat mijn talent me naar Wimbledon had gebracht. Het werd mij op jonge leeftijd ook veel te snel veel te serieus”, was er nooit sprake van een mogelijke profcarrière daarin. “Uiteindelijk heeft de goesting om te koersen toch ook de bovenhand gehaald”, besluit Nys.
Kevin De Jonghe