Het wielrennen heeft de afgelopen jaren grote stappen gezet in de strijd tegen doping, maar volgens dopingexpert Peter Van Eenoo dient zich mogelijk een nieuwe uitdaging aan. De Belg, hoofd van het Gentse dopingcontrolelaboratorium DoCoLab, waarschuwde in De Avondetappe van de NOS voor de opkomst van gendoping.
Gendoping draait niet om het rechtstreeks toedienen van prestatiebevorderende middelen, maar om het aanpassen of beïnvloeden van genetische processen, waardoor het lichaam zelf stoffen zoals EPO of groeihormoon gaat aanmaken.

LEES OOK: Dumoulin klapt uit de school over doping
“Een nieuwe uitdaging voor de antidopingwereld”Van Eenoo legde uit dat de techniek veel minder futuristisch is dan vaak wordt gedacht. “Vroeger dachten we dat je daarvoor het DNA volledig moest veranderen, maar dat hoeft helemaal niet zo ingrijpend te zijn”, vertelde hij. “Het coronavaccin is bijvoorbeeld ook een vorm van gentherapie. Daarbij breng je mRNA in, waardoor het lichaam zelf bepaalde eiwitten gaat aanmaken.”
Volgens de Belgische onderzoeker zou dezelfde technologie in theorie ook misbruikt kunnen worden om sportprestaties kunstmatig te verbeteren. “Je zou het lichaam bijvoorbeeld ook kunnen aanzetten om zelf meer EPO of groeihormoon te produceren. Mijn vrees is dat die techniek, die tijdens de coronapandemie zulke grote voordelen heeft opgeleverd, ooit als dopingmiddel gebruikt gaat worden.”
Daarbij plaatst hij meteen een belangrijke kanttekening. “Wij beschikken over verschillende methodes om doping op te sporen, maar we weten eerlijk gezegd niet of we volledig klaar zijn voor deze vorm van doping.”
Moeilijker rechtstreeks op te sporen
Volgens Van Eenoo verschilt gendoping fundamenteel van de klassieke dopingmiddelen. “Normaal dien je een stof toe die direct werkzaam is. Bij gendoping zet je juist een proces in gang waardoor het lichaam zelf die stoffen gaat produceren. Het genetische materiaal dat je toedient, verdwijnt na enkele dagen weer uit het lichaam, terwijl het effect maanden kan aanhouden.”
Dat maakt de opsporing ingewikkelder, al is detectie volgens hem zeker niet onmogelijk. “Het is niet zo dat gendoping helemaal onzichtbaar is. Het biologisch paspoort kan nog altijd afwijkingen in de bloedwaarden registreren. Alleen zijn dat indirecte aanwijzingen en die zijn minder krachtig dan wanneer je een verboden stof rechtstreeks kunt aantonen.”

“Ik durf niet te zeggen dat het onmogelijk is”
De meest prangende vraag is volgens Van Eenoo of gendoping vandaag al daadwerkelijk toepasbaar is. “Ik durf daar geen nee op te antwoorden”, zei hij. “Dat zou naïef zijn.”
Toch denkt hij dat de praktische toepassing voorlopig nog beperkt is. “Ik vermoed dat het voor een individuele sporter erg moeilijk is om dit uit te voeren. Maar als je kijkt naar de technologische mogelijkheden waar sommige landen over beschikken, dan sluit ik niet uit dat het binnen hun bereik ligt.”
Volgens Van Eenoo is het daarom belangrijk dat antidopinginstanties zich nu al voorbereiden op deze mogelijke ontwikkeling, zodat de sport ook in de toekomst eerlijk kan blijven.
WN Redactie