Lotte Kopecky liet zich in de zesde etappe van de Tour de France Femmes weer nadrukkelijk zien tussen de betere rensters, maar helemaal volgens het boekje verliep haar dag niet. De Belgische kreeg na afloop namelijk een boete voor een zogenaamde plakbidon. Oftewel: een bidon aannemen en daarbij nét iets langer aan de ploegwagen blijven hangen dan de jury wenselijk vindt.
In een grote ronde worden dagelijks de grenzen van het fysiek mogelijke opgezocht. Renners en ploegen zoeken daarbij soms ook de grenzen van het reglement op. Het is vervolgens aan de wedstrijdjury om te bepalen wanneer slim gebruikmaken van de mogelijkheden verandert in een overtreding.
Na de zesde etappe van Montbrison naar Tournon-sur-Rhône mocht ook Kopecky zich melden in het juryrapport. De renster van SD Worx-Protime werd betrapt op een plakbidon en kreeg daarvoor een boete van 100 Zwitserse frank.

Het principe is simpel. Een renster neemt een bidon aan vanuit de ploegwagen, maar laat die niet meteen los. Zolang beide partijen de bidon vasthouden, krijgt de renster automatisch een klein zetje mee van de auto. Een beproefd trucje in het wielrennen, maar wel eentje waar de jury regelmatig tegen optreedt.
Volgens de commissarissen maakte Kopecky zich daar donderdag dus schuldig aan. Ook Morgane Coston van Ma Petite Entreprise kreeg voor hetzelfde vergrijp een boete van 100 Zwitserse frank.
De ploegleiders kwamen er zelfs iets minder goedkoop vanaf. Christian Kos en Gaël Le Bellec kregen ieder een rekening van 200 Zwitserse frank gepresenteerd voor hun aandeel in de plakbidons.

UCI-kassa rinkelt verder
Kopecky was bovendien lang niet de enige die na de etappe wat geld mocht overmaken. Agnieszka Skalniak-Sójka en Cédrine Kerbaol kregen allebei een boete van 250 Zwitserse frank omdat zij afval weggooiden buiten de daarvoor bestemde zones. Daar kwam ook nog een aftrek van vijftien UCI-punten bovenop.
Voor Kopecky bleef de schade dus beperkt tot haar portemonnee. Sportief veranderde er niets aan haar sterke optreden, maar volgens de jury had ze onderweg wel héél even wat extra hulp nodig om bij de besten te blijven.
WN Redactie