Het is bij Alpecin-Deceuninck nog steeds wachten op een aankondiging over een nieuwe (co)-hoofdsponsor, maar inmiddels ondervonden ze toch al enkele gevolgen bij de ploeg. Of ligt dat verhaal dan toch helemaal anders? Christoph en Philip Roodhooft beweren alvast van wel.
LEES OOK: Gebroeders Roodhooft zetten critici op hun plaats: ''Compliment''
Versterkt, niet verzwaktDe gevolgen? Het vertrek van steunpilaren als Quinten Hermans, Timo Kielich, Gianni Vermeersch, Fabbio Van den Bossche, Xandro Meurisse en Robbe Ghys. Uit financiële noodzaak, zo werd algemeen aangenomen, zeker door het vertrek van Deceuninck. Met Lyndsay De Vylder, Gerben Thijssen en Fransesco Busatto zouden er evenwel ook al de nodige nieuwe jongens aan boord zijn.
Volgens de Roodhoofts is er dan ook geen sprake van ‘de grote leegloop’ bij Alpecin-Deceuninck. “Christoph en ik stellen ons al de hele tijd de vraag: ‘is er iets dat wij missen of niet zien?’”, aldus Philip bij Het Laatste Nieuws. “Naar ons gevoel zijn we zelfs beter uit de transferperiode gekomen. Goedkoper én versterkt”, vult Christoph aan.
“Misschien kan het vertrek van Meurisse ons pijn doen. Maar als Maurice Ballerstedt (die terugkeert bij de ploeg na eerder pensioen, nvdr) in het voorjaar terug kan aanknopen met zijn oude, vertrouwde niveau, kan dat een oplossing bieden.”

Trouw blijven aan eigen waarden
Bovendien willen ze bij Alpecin trouw blijven aan hun – tot op heden bijzonder succesvolle – werkwijze. Jongens halen en ze dan beter maken. Dat zulke renners dan een stap hogerop kunnen, vindt Christoph Roodhooft dan ook een positieve zaak. “De ‘outs’ beschouwen we sowieso als een compliment.”
“Omdat het jongens betreft die we de voorbije jaren in een rustig, voorzichtig traject hebben gefaciliteerd en begeleid naar een hoger niveau. Béter hebben gemaakt. Dat andere teams daar nu op één of andere manier van ‘profiteren’? Ja, zo werkt het nu eenmaal”, besluit hij.
Kevin De Jonghe