Na de machtsstrijd op de Mont Ventoux krijgt de Tour de France Femmes zaterdag een heel andere rit voorgeschoteld. Althans, op papier. De achtste etappe van Sisteron naar Nice wordt door de organisatie als vlak bestempeld en lijkt een van de zeldzame kansen voor de snelle vrouwen, maar helemaal gerust kunnen de sprintploegen niet zijn.
Met ruim 175 kilometer is dit de langste rit van deze Tour. Bovendien ligt er in de finale rond Nice nog genoeg venijn om de pure sprintsters pijn te doen. De gele trui zit inmiddels om de schouders van Katarzyna Niewiadoma, die op de Ventoux een grote slag sloeg. Voor het klassement lijkt zondag de slotdag rond Nice nog belangrijker, maar ook zaterdag moeten de favorieten opletten. Een moment van onachtzaamheid kan in deze Tour zomaar duur worden betaald.

LEES OOK: Uitmuntende Wiebes wint en pakt eerste geel in Tour de France Femmes
Lange rit richting de Côte d’AzurDe rensters vertrekken in Sisteron en rijden vervolgens richting Nice. De eerste helft van de rit loopt lang licht op, zonder dat er meteen sprake is van zwaar klimwerk. Toch kan die lange aanloop richting de Col des Robines en de Col de Toutes Aures al in de benen kruipen, zeker daags na de zware Ventoux-etappe.
Na ongeveer tachtig kilometer verandert het karakter van de koers. Dan volgt een lange fase waarin het parcours grotendeels afloopt richting de kust. Dat is goed nieuws voor rensters die eerder in de rit even in de problemen komen, want er is voldoende tijd om terug te keren. Tegelijk maakt zo’n lange afdaling de koers ook lastig te controleren. Vluchten kunnen blijven hangen, ploegen kunnen twijfelen en richting Nice kan de nervositeit toenemen.
In de finale krijgt de rit nog een duidelijk randje. De Col de Colomars en de Col de la Ginestière zijn niet lang, maar liggen wel op een vervelend moment. Na de Ginestière volgt bovendien nog een kort muurtje van ongeveer 450 meter aan dubbele cijfers. Daarna gaat het naar beneden richting de beroemde Promenade des Anglais, waar na enkele vlakke kilometers de finish ligt.

Sprintkans, maar geen zekerheid
Voor Lorena Wiebes is dit normaal gesproken een uitstekende kans. De Nederlandse won al twee ritten in deze Tour, rijdt in de groene trui en blijft in een sprint de vrouw die iedereen moet kloppen. De klimmetjes in de finale zijn lastig, maar zouden voor een Wiebes in goede doen geen onoverkomelijk probleem moeten zijn. Zeker omdat de laatste kilometers vlak zijn, ligt een sprintscenario voor de hand.
Toch zullen heel wat ploegen net dat scenario willen vermijden. Tegen Wiebes sprinten is meestal vechten voor plek twee, dus ligt het voor de hand dat aanvalsters op de Colomars, de Ginestière of het korte muurtje nog iets proberen. In die zin is deze etappe een mooie mix tussen een sprintkans en een klassiekerachtige finale.

Kimberley Le Court en Noemi Rüegg zijn interessante namen voor beide scenario’s. Ze kunnen een lastige finale aan, maar beschikken ook over voldoende snelheid als er met een kleinere groep wordt gesprint. Célia Gery, Lotte Kopecky en Zoe Bäckstedt passen eveneens bij zo’n koersbeeld: sterk genoeg om de finale te overleven en gevaarlijk als de sprint minder massaal wordt.
Daarachter blijven Elisa Balsamo en Marianne Vos logische kandidaten. Balsamo hoopt vooral dat de groep groot genoeg blijft, Vos juist dat de finale net zwaar genoeg wordt om de pure sprintsters pijn te doen. Riejanne Markus is een naam voor de late aanval, terwijl Shari Bossuyt na eerdere ereplaatsen opnieuw kan mikken op een sterke sprint.
De achtste etappe lijkt dus de laatste duidelijke kans voor de snelle vrouwen, maar Nice geeft niets cadeau. Als de sprintploegen controle houden, is Wiebes de uitgesproken favoriete. Als de finale openbreekt, kan een aanvalster of sterke puncheur zomaar met de bloemen aan de haal gaan.
Favorieten WielerNieuws.be etappe 8 Tour de France Femmes 2026
★★★★ Lorena Wiebes
★★★ Kimberley Le Court, Noemi Rüegg
★★ Célia Gery, Lotte Kopecky, Zoe Bäckstedt
★ Elisa Balsamo, Marianne Vos, Riejanne Markus, Shari Bossuyt
WN Redactie