Een passage over de Alpe d’Huez is steevast een bijzonder iconisch gegeven, voor de ene renner al wat meer dan de andere. Daarover kan Thymen Arensman spreken. Helaas brengt de beklimming – met een overtal aan fans – ook flink wat gevaren met zich mee, dat mocht ook Mathieu van der Poel ondervinden.
LEES OOK: Tour: Favorieten etappe 19 - D-day voor Evenepoel, Pogacar verzwakt?
Arensman nostalgischVoor Arensman – die zelf nog assertief ten aanval trok – werd het een speciale ervaring. Als kind ging hij kijken naar de wielerhelden van weleer, met onder meer landgenoot Tom Dumoulin. “Ik stond toen niet in bocht 7, maar samen met mijn ouders tussen bocht 3 en 4”, vertelt hij aan In de Leiderstrui.
“Vandaag keek ik weer even naar die ene steen waar ik destijds op zat—dat weet ik nog precies. Volgens mij was dat nét het moment dat Tom daar ten aanval trok. Dat maakt het een ontzettend mooi en speciaal moment om hier nu zelf te rijden; daar heb ik echt van genoten”, klonk als een kind zo blij.
Al was het voor Arensman toch ook soms iets té overweldigend. “Het soms wel even schrikken; ik heb een paar vlaggen tegen mijn stuur en armen gekregen. Dan was het hopen dat ze niet in mijn wielen slaan. Het was af en toe echt even knijpen, maar wat een fantastische sfeer.”

Van der Poel bijna onder motor
Met diezelfde gekte kreeg ook Tim van Dijke, ploegmakker van Remco Evenepoel bij Red Bull-Bora Hansgrohe, te maken. Hij reed de berg op samen met onder meer Mathieu van der Poel, die blijkbaar ontsnapte aan een bijzonder groot onheil.
“Hij kreeg een duw, en toen geloof ik dat hij bijna onder die motor kwam”, onthult Van Dijke immers. Hij was dan ook behoorlijk boos, geloof ik”, klinkt het. Van de sfeer – specifiek van de Nederlandse fans – kon Van Dijke wel genieten.
“Het is sowieso uniek als je al die Nederlanders ziet. Echt top! Daar probeer ik dan ook extra van te genieten. Ik was gewoon heel blij met wat ik kon doen vandaag. Daarna was het gewoon vechten om binnen de tijd binnen te komen”, besluit hij.
Kevin De Jonghe