Na opnieuw een demonstratie in de Ronde van Romandië leek er weinig reden tot twijfel rond Tadej Pogacar. Toch klonk er na afloop van de koninginnenrit een verrassend ander geluid bij de Sloveen, die zelf toegaf dat het deze keer minder vanzelf ging dan het leek.
LEES OOK: Pogacar slaat genadeloos toe met derde ritzege in Romandië
“Ik heb me laten gaan”De gele truidrager pakte weliswaar zijn derde ritzege, maar moest diep gaan om afstand te nemen van zijn concurrenten. Pogacar zelf gaf na afloop een opvallende verklaring voor zijn ‘mindere’ gevoel bergop, iets wat meteen de wenkbrauwen deed fronsen.
De etappe werd van bij de start bijzonder hard gereden, met een sterke vlucht waarin onder meer Primoz Roglic een rol speelde. Toch hield de ploeg van Pogacar alles onder controle, waarna de Sloveen het in de finale zelf afmaakte.
Na de finish benadrukte hij eerst het collectief. “Het was pure teamwork,” klonk het. “We hebben met het hele team gewerkt om de vlucht terug te halen, en daarna kon ik het afmaken.” Toch gaf hij ook toe dat het verre van eenvoudig was geweest.
Dat bleek vooral in zijn duel met Florian Lipowitz. De Duitser bleef verrassend lang in het wiel en moest pas laat passen. “Hij was echt supersterk,” gaf Pogacar toe. “Het was heel moeilijk om hem te lossen, en ook in de afdaling kon ik nauwelijks uitlopen.”

Andere focus eist zijn tol
Na afloop kwam Pogacar met een opmerkelijke verklaring voor dat verschil. De Sloveen gaf aan dat hij momenteel simpelweg anders gebouwd is dan tijdens grote rondes.
“Ik zal niet ontkennen dat ik wat zwaarder ben dan normaal,” vertelde hij openlijk. “Ik voel me goed op de fiets, en dat is het belangrijkste, maar voor het klimmen speelt dat wel mee.”
De reden daarvoor ligt in een bewuste keuze. Pogacar richtte zich de voorbije maanden meer op krachttraining, met het oog op de klassiekers. “Ik heb me wat laten gaan in het krachthonk,” gaf hij met een glimlach toe. “Dat vond ik heel leuk, maar misschien moet ik dat nu weer wat afbouwen.”
Stan Strubbe