Geen grote verrassingen afgelopen zaterdag in Strade Bianche, Tadej Pogacar stoomde daar als vanouds gewoon door richting zijn vierde zege op de Toscaanse grindwegen. Meer consternatie was er eigenlijk achteraf, na de finishfoto van de Sloveen.
LEES OOK: De Gendt spreekt zich en uit en brengt goed nieuws over Van Aert
Een doodgewone WhoopWant zo zagen we daar een opvallend apparaat opduiken onder zijn arm. Wielervolgers kwamen meteen met de gekste ideeën, maar het antwoord bleek eenvoudig te zijn. Zo gaat het immers over de Whoop, het intussen zeer populaire gadget bij wielrenners. Ook onder meer Mathieu van der Poel maakt er gebruik van.
Het toestel brengt voortdurend de fysieke toestand van de gebruiker in kaart en voert daarbij honderd metingen per seconde uit. Sensoren registreren onder meer de ademhalingsfrequentie, zuurstofsaturatie, rusthartslag, hartslagvariabiliteit en huidtemperatuur.

Aero-voordeel onder de arm
Ook in de podcast Café Koers van Het Nieuwsblad werd er gespeculeerd over het apparaat van Pogacar. Thomas De Gendt gokte daar al dat het om een Whoop ging. “Het zou in theorie een glucose- of lactaatmeter kunnen zijn, maar dat is niet toegelaten in de koers. Er mogen geen realtime data gebruikt worden. Dus is het allicht een Whoop”, concludeerde hij.
En daarop wordt werkelijk alles geregistreerd. “Ik had het er eens met Tim Wellens over: ze meten echt alles, en zien dat ook van elkaar in de app. Zo zag Tim in die app dat er een ploegmaat net die nacht slecht geslapen had. Het gaat heel ver”, vulde reporter Jan-Pieter De Vlieger aan.
De reden waarom Pogacar het dan niet gewoon aan zijn pols draagt? Aerodynamica, verduidelijkt De Gendt. “Het scheelt tot 1 à 2 Watt. Oké, dat is miniem en voor Pogacar zal het weinig verschil maken. Maar het maakt wel degelijk een verschil en omdat het toch geen scherm heeft, maakt het dus niet uit waar je het draagt.”
Kevin De Jonghe