Philip Roodhooft keek zondag met trots toe hoe Mathieu van der Poel zich voor de achtste keer tot wereldkampioen veldrijden kroonde. Alle titels reed hij in dienst van hetzelfde team, van de eerste in Tábor in 2015 tot de dominante zege in Hulst. Dat maakt het extra bijzonder, vertelt de teammanager van Alpecin-Premier Tech bij het Nederlandse WielerFlits.
“Acht is al uniek, maar acht voor hetzelfde team… met alles wat er in die jaren veranderd is, zowel sportief als organisatorisch”, stelt Roodhooft. “Als je al die factoren samenneemt, dan zal het niet veel straffer meer worden.”
LEES OOK: Van der Poel geeft kijkje in privéleven
Van jongen naar kampioenVolgens Roodhooft is vooral de evolutie van Van der Poel zelf opvallend. “Een jonge man is een man geworden. Dat zie je op alle vlakken. Als je de foto’s van 2015 naast die van nu legt, dan is dat gewoon een totaal andere atleet.”

Niet alleen fysiek is Van der Poel veranderd. “Ook de manier waarop hij met wedstrijden omgaat, met een WK-dag, met druk en verwachtingen: dat is totaal anders dan toen. Maar dat is ook logisch. Tussen je negentiende en je 31ste maak je als mens en als sporter enorme stappen.”
Overwicht groter dan ooit
De vraag dringt zich op of Van der Poel vandaag nog harder moet werken dan in zijn beginjaren, nu het wielrennen almaar professioneler wordt. Roodhooft nuanceert. “Mathieu werkt sowieso elk jaar harder, of kan harder werken, omdat hij als atleet blijft groeien en sterker wordt.”
Volgens de teammanager speelt het gestegen niveau in het veldrijden zelf zelfs minder een rol. “Zijn overwicht is de afgelopen jaren alleen maar groter geworden. In 2019 was er nog echt sprake van een duel, maar de laatste jaren — en ook vandaag — rijdt hij gewoon weg vanaf het vertrek.”
Het illustreert hoe Van der Poel niet alleen langer meegaat, maar ook blijft evolueren. Acht wereldtitels later is hij niet meer de jongen van Tábor, maar een renner die het veldrijden volledig naar zijn hand heeft gezet.
WN Redactie