De Belgische kater na het WK in Montréal krijgt nog een stevig staartje. Jan Bakelants spaart de nationale ploeg allerminst na een wedstrijd waarin Remco Evenepoel en Wout van Aert nooit écht aanspraak konden maken op de regenboogtrui. Volgens de voormalig profrenner was niet alleen het niveau van de twee kopmannen teleurstellend, maar zakte vrijwel de volledige Belgische ploeg collectief door het ijs.
België trok met grote verwachtingen naar Montréal. Evenepoel had een week eerder nog op indrukwekkende wijze zijn vierde opeenvolgende wereldtitel tijdrijden veroverd, terwijl Van Aert als tweede absolute troef werd uitgespeeld. Met daarachter mannen als Tiesj Benoot, Thibau Nys, Maxim van Gils, Quinten Hermans en Gianni Vermeersch leek er bovendien meer dan voldoende ondersteuning aanwezig. Op de beslissende momenten was daar echter bijzonder weinig van terug te zien.

LEES OOK: Bakelants tipt wel héél verrassende namen: "Kunnen wereldkampioen worden"
Bakelants genadeloos: 'Allemaal gebuisd'Bakelants wond er in zijn column voor Het Laatste Nieuws geen doekjes om. "Het was een fantastisch WK, maar wat een zwakke koers van de Belgen", luidt zijn harde conclusie. De voormalig ritwinnaar in de Tour de France zag niemand boven zichzelf uitstijgen. Integendeel: volgens hem wist vrijwel niemand zelfs maar zijn normale niveau te benaderen.
Eén renner krijgt een uitzondering. Alec Segaert vervulde in de openingsfase zijn opdracht en offerde zich op om de koers te controleren. Voor de rest is het oordeel genadeloos. "Ze zijn allemaal gebuisd."
Ook Evenepoel en Van Aert ontsnappen niet aan de kritiek. Evenepoel knokte zich in de finale nog meerdere keren terug, maar eindigde uiteindelijk als twaalfde op 25 seconden van wereldkampioen Brandon McNulty. Van Aert speelde vroeg in de wedstrijd een aanvallende rol, maar zakte later weg en finishte pas als 28ste.
Dat beide kopmannen niet hun beste dag hadden, kan gebeuren. Wat Bakelants veel moeilijker kan begrijpen, is dat ook vrijwel niemand daarachter opstond.
Belgisch middenveld compleet weggevaagd
Precies daar zit voor Bakelants het grootste pijnpunt. Op een dag waarop Evenepoel en Van Aert minder blijken te zijn, moeten andere Belgen volgens hem in staat zijn om plots een grotere rol op te eisen. Dat gebeurde niet.
Benoot eindigde als 25ste. Van Gils werd 29ste, terwijl Hermans, Vermeersch en Nys de finish niet bereikten. In de laatste tachtig kilometer van de wedstrijd waren er nog amper Belgische pionnen over om de kopmannen te ondersteunen of zelf initiatief te nemen.
Vooral dat collectieve wegzakken vindt Bakelants moeilijk te bevatten. België begon de dag als een van de landen met de meeste mogelijke scenario's, maar zag al die kaarten vrijwel tegelijkertijd verdwijnen. Volgens Bakelants werd het uiteindelijk "miserie spelen in plaats van solo slim".
'Hoe kan iedereen tegelijk zo slecht zijn?'
En daarmee komt hij bij misschien wel de pijnlijkste vraag van allemaal. Eén renner kan een slechte dag hebben. Twee ook. Maar vrijwel een volledige selectie die op hetzelfde moment niet thuis geeft? Bakelants vindt het dermate opvallend dat bondscoach Serge Pauwels volgens hem grondig moet analyseren wat er in Montréal is misgegaan. Niet om één renner als schuldige aan te wijzen, maar om te begrijpen waarom vrijwel iedereen onder zijn normale niveau bleef.

Hebben de Belgen elkaar in aanloop naar het WK misschien te veel opgejaagd? Ging er iets mis met de voorbereiding? Of was het simpelweg een bizarre samenloop van slechte dagen? Een duidelijk antwoord heeft Bakelants zelf ook niet.
Wat wél vaststaat, is dat België op papier met een van de sterkste selecties naar Montréal kwam en uiteindelijk met lege handen uit de wegrit stapte. Na alle verwachtingen rond Evenepoel, Van Aert en het sterke Belgische blok is dat volgens Bakelants niet zomaar een tegenvallende uitslag. Het is vooral een mislukking die om uitleg vraagt.
WN Redactie