Een opvallende situatie rond de Nieuw-Zeelandse selectie voor het WK in Montréal: de renners moeten hun reis en verblijf zelf betalen. Dat heeft mogelijk ook gevolgen voor de manier waarop het vijftal de wegwedstrijd zal aanpakken, want jezelf volledig wegcijferen voor een ploeggenoot ligt dan een stuk minder voor de hand.
Toch beschikt Nieuw-Zeeland over een opvallend sterk vijftal. Ben Oliver, Corbin Strong, Finn Fisher-Black, George Bennett en Laurence Pithie behoren stuk voor stuk tot de renners die een rol van betekenis kunnen spelen in Montréal. Of de vijf tijdens de wegwedstrijd ook daadwerkelijk volledig voor elkaar zullen rijden, is echter maar de vraag.

LEES OOK: Picnic PostNL slaat grote slag: wereldkampioene tekent
Renners moeten zelf reis betalenVolgens The Outer Line moesten de Nieuw-Zeelandse WK-gangers hun deelname grotendeels zelf bekostigen. Het land is daarin overigens niet uniek, want ook de Amerikaanse wielerbond laat een deel van de kosten bij de renners. En dat zijn alleen de gevallen die publiekelijk bekend zijn.
'Het wielrennen is een van de weinige sporten, waar topatleten vaak zelf moeten betalen voor een van de grootste wedstrijden van het jaar', zo schrijft het medium. 'Veel officials van de nationale wielerbonden zijn van de partij, waarbij alle kosten worden gedekt.'
Voor Nieuw-Zeeland is de situatie bovendien niet nieuw. De renners moeten al jaren zelf betalen om deel te nemen aan het WK en ook in 2026 is dat het geval. Fisher-Black legt uit wat dat betekent voor de onderlinge samenwerking. 'Het is een vreemde dynamiek. Omdat we allemaal zelf betalen om op het WK te zijn, willen we ook allemaal onze eigen race rijden.'
Fisher-Black hoopt op top tien
Van de renners wordt daardoor niet verwacht dat ze zich zomaar opofferen voor een ploeggenoot wanneer ze daar zelf voor moeten betalen. Toch werkt de verstandhouding binnen de Nieuw-Zeelandse selectie volgens Fisher-Black goed. De renners kennen elkaar goed en begrijpen de situatie, al beperkt het de tactische mogelijkheden wel.
'We zijn allemaal goede vrienden, dus we letten echt wel op elkaar gedurende de race. We proberen om met meerdere renners in de finale te komen, en vanuit daar bekijken we het. Dit is nu eenmaal de structuur in Nieuw-Zeeland, waar ze het baanwielrennen hoger inschalen', vertelt Fisher-Black.
Na de zilveren medaille van zus Niamh Fisher-Black bij de vrouwen-elite in 2025 hoopte Finn dat er iets zou veranderen, maar dat bleek niet het geval. 'We moeten het zo doen, en gelukkig worden we de rest van het jaar gesteund door onze teams. We hebben een sterk team. Ik zou graag vechten voor een plek in de top tien', besluit de renner.
WN Redactie