Remco Evenepoel verklaarde zijn tegenvallende WK zelf door een mindere dag, maar daarmee is voor enkele Nederlandse analisten de kous niet af. Zij plaatsen vooral vraagtekens bij de manier waarop de Belg met zijn mindere momenten omging en zien daarin een belangrijke les voor toekomstige kampioenschappen.
LEES OOK: Nederlandse bondscoach moet wat kwijt over Vollering
“Hij moet beseffen dat hij Remco Evenepoel is”In de podcast Live Slow, Ride Fast legden Laurens ten Dam, Thomas Dekker en Jim van den Berg het optreden van de Belgische kopmannen onder de loep. Vooral Van den Berg stoorde zich aan bepaalde keuzes van Evenepoel.
“Wat hij deed, hoeft niet. Als hij in een groep van zes rijdt, vindt hij dat iedereen zijn werk moet doen. Maar zo werkt wielrennen niet. Hij is Remco Evenepoel. Hij moet niet telkens gaten laten vallen, want dat doet hij echt héél vaak. Dat is gewoon heel irritant.”
Volgens Van den Berg hoeft een mindere dag voor een renner van het kaliber van Evenepoel bovendien niet automatisch te betekenen dat een topresultaat onmogelijk wordt.
“Er is geen enkel besef bij hem dat iedereen slechte benen heeft op het eind. Of dat hij met redelijk slechte benen gewoon podium kan rijden. Dat besef daalt nooit in. Hij was niet goed op de klim en had ook geen goede dag, maar hij moet beseffen dat hij Remco Evenepoel is.”
Ook de energie die Evenepoel tijdens dergelijke fases in frustraties steekt, kwam ter sprake. “Hij heeft wel de energie om zich te ergeren. Hij is relatief minder diep gegaan dan wanneer hij in zijn eentje voorop rijdt, honderd procent zeker.”

Alles op één kaart
Daarmee verschoof de discussie al snel van Montréal naar de Belgische aanpak in zijn geheel. Van den Berg zou bij toekomstige grote afspraken een veel duidelijkere hiërarchie installeren.
“België moet af van die twee kopmannen. Wout bleef tijdens het WK te lang doorrijden, maar met twee Wouts lukt dat wel. Maar met Evenepoel als kopman moet je hem al maanden van tevoren zalven en ophemelen. Dan moet je vol voor de strategie Evenepoel gaan. Dan kan hij meer dan hij nu liet zien.”
Thomas Dekker ging nog een stap verder en betwijfelde of de fysieke vorm van Evenepoel de volledige verklaring biedt voor zijn twaalfde plaats. “Ik denk dat Evenepoel zijn benen helemaal niet zo verkeerd waren. Het is interessant voor in de toekomst, want in mijn ogen moet je een hele ploeg bouwen rondom Evenepoel.”
Stan Strubbe