Wout van Aert: “Ik geloof niet in een vierde wereldtitel”

Wout van Aert
Wout van Aert

Wout van Aert kijkt uit naar het wereldkampioenschap veldrijden in het Zwitserse Dübendorf aanstaande zondag. De drievoudig wereldkampioen in het veld verwacht echter niet dat er dit jaar een vierde regenboogtrui bij komt.

Van Aert reed deze winter een beperkt programma. De zware blessure die hij opliep tijdens de Tour de France, zorgde ervoor dat hij later aan het seizoen kon beginnen. Sinds zijn comeback in Loenhout eind december reed hij vijf crossen. Afgelopen weekend kende hij met een tweede plaats in Zonnebeke en een achtste plaats in de wereldbekercross van Hoogerheide een verdienstelijke generale repetitie. Zeker wanneer je bedenkt dat hij afgelopen ziek terugkeerde van een trainingskamp van zijn ploeg Jumbo-Visma in Alicante. Desalniettemin reist hij met een goed gevoel af richting Zwitserland.

“Het crossgevoel is terug”, citeert Het Nieuwsblad Van Aert. “Ik rijd rond met een aangenamer gevoel en maak ook minder fouten. Ik heb een betere conditie dan een maand geleden, ik rijd niet meer op de limiet. Ik vertrek zonder stress naar Zwitserland. Daar wil ik mijn beste cross van het jaar rijden.”

Hij acht zichzelf niet opgewassen tegen de soeverein rijdende topfavoriet Mathieu van der Poel. “In het begin van het seizoen was er misschien nog wat hoop voor de rest, maar nu rijdt hij toch rond zoals vorig jaar”, aldus Van Aert.

Een medaille behoort volgens hem tot de mogelijkheden. “Op het WK is alles mogelijk. En na Mathieu ligt alles zeer dicht bij elkaar”, stelt hij. “Het verschil met bijvoorbeeld Toon Aerts en Eli Iserbyt is niet zo groot”, klinkt het.

Van Aert – die zondag op zijn Bianchi Zolder crossfiets zal aantreden – nam bij de elites vijf keer deel aan het WK. Drie keer (Heusden-Zolder 2016, Bieles 2017 & Valkenburg 2018) leverde dat een wereldtitel op. In 2015 (Tabor) en 2019 (Bogense) moest Van Aert genoegen nemen met zilver.